MUMC

Patiëntinformatie

Intravitreale injectie

Behandeling netvliesaandoening

Uw oogarts vertelde u dat u een netvliesaandoening heeft en dat die het beste behandeld kan worden met injecties in de ogen, zogenaamde intravitreale injecties.

Ziekten waarbij intravitreale injecties worden toegepast

De meest voorkomende aandoeningen, die behandeld worden met  injecties zijn:

  • natte maculadegeneratie,
  • diabetische retinopathie
  • vaatafsluitingen.

Alle bovengenoemde aandoeningen hebben hetzelfde probleem. Er ontstaat een kettingreactie van signalen door het netvlies. Dit veroorzaakt vorming van nieuwe bloedvaatjes die niet gezond zijn.

Het gevolg is dat er vocht (0edeem) in het netvlies terecht komt, waardoor u wazig ziet, een vlek in beeld ziet of last heeft van vervormingen  van beelden.

Door een medicijn in uw oog aan te brengen kunnen we een bepaald onderdeel van de ketting doorbreken.
De medicijnen remmen het vormen van nieuwe lekkende bloedvaten. Het oog zelf moet het vocht ‘wegpompen’.

Zonder deze behandeling zou het gezichtsvermogen achteruitgaan. Met deze behandeling kunnen we verslechtering van het gezichtsvermogen  tot stilstand brengen  (stabilisering) en in de meeste gevallen zelfs verbetering van het gezichtsvermogen.

Voor uitgebreidere informatie over deze verschillende aandoeningen verwijzen we u naar de informatie op de site van het Nederlands Oogheelkundig Gezelschap (NOG).

De procedure

Het oog bestaat van buiten naar binnen uit de harde oogrok (sclera), het vaatvlies (de choroidea), het netvlies (de retina) en de oogbol is gevuld met een waterige geleiachtige substantie (het glasachtig lichaam).
Een intravitreale injectie is een injectie met geneesmiddel in het glasachtig lichaam van het oog.

Met een injectie in het glasactige lichaam van het oog, 
krijgen we met een lage dosering een goede werking van het medicijn. In het lichaam zelf komt zo maar weing van het medicijn terecht.

Wanneer u voor een injectie komt, wordt uw oog met druppeltjes verdoofd, gedesinfecteerd en brengen wij een ooglidspreider in uw oog. Die ooglidspreider voelt u wel zitten, maar doet geen pijn. U voelt ook wel dat wij uw oog aanraken, maar het doet (normaal) geen pijn.

Het is belangrijk om de kans op een infectie in uw oog zo laag mogelijk te houden.  Daarom vragen wij u de dag van de behandeling het volgende:

  • gebruik geen oogmake-up; 
  • geef geen hand in de behandelkamer, waar u de injectie krijgt, aan de arts en verpleegkundige. De arts en verpleegkundige dragen een operatiemuts en mondkapje; 
  • volg de aanwijzigingen (instructies) voor en tijdens het injecteren nauwkeurig op; 
  • wrijf na de injectie niet in uw oog  en kom niet met een gebruikte zakdoek in de buurt van uw oog . 

De verschillende geneesmiddelen

  1. Bevacizumab (merknaam Avastin); 
  2. Ranibizumab (merknaam Lucentis); 
  3. Aflibercept (merknaam Eylea). 

In Nederland is Avastin de eerste keus. Dit middel is off-label, wat betekent dat het niet officieel goedgekeurd is door de bevoegde instanties. De beslissing om het toch te gebruiken, is landelijk gemaakt op basis van uitgebreide klinische ervaring en meerdere publicaties.

De injecties worden bij het begin van de behandeling maandelijks gegeven, tot het maximale resultaat is bereikt. Vervolgens kijken wij of dit maximale resultaat stabiel (constant) gehouden kan worden met minder vaak injecties.
We zullen daarom regelmatige tussentijdse controles doen, steeds met daarbij ook OCT-onderzoek. Met dit onderzoek kunnen we goed vervolgen hoe het effect is op het oedeem (vocht) in het netvlies.

De meeste van deze aandoeningen zijn chronisch; u moet daarom rekening houden met een lang behandeltraject. Wel zijn na verloop van tijd vaak minder injecties nodig.

Als Avastin niet werkt, kunnen we besluiten over te gaan op één van de andere vaatremmers. Het kan ook voorkomen dat een middel eerst wel werkt, maar na verloop van tijd niet meer. Ook dan wordt er gekeken of één van de andere middelen beter werkt. 

Een andere categorie geneesmiddelen, die ook kan worden ingespoten, is die van ontstekingsremmers (corticosteroïden), bijvoorbeeld triamcinolon (Kenacort).
De keuze hiervoor is afhankelijk van de aandoening en van eerdere reacties op andere geneesmiddelen. 

De injectieprocedure

  • U wordt binnengeroepen in de voorbereidingskamer van de behandelkamer door de assisterende verpleegkundige. Zij controleert uw gegevens en welk oog een injectie moet krijgen.
  • U krijgt hier twee keer twee druppels verdoving in uw oog dat geïnjecteerd moet worden met een tussenpoos van enkele minuten.  U krijgt een sticker boven het oog dat geïnjecteerd moet worden en een operatiemuts op.
  • De verpleegkundige roept u binnen in de behandelkamer. Uw gegevens worden met u gecontroleerd door de arts.
  • U krijgt nog een keer verdovende druppels in uw oog.
  • U wordt platgelegd op de behandelstoel. 
  • We ontsmetten de huid rondom het oog met jodium.
  • U krijgt een steriel doek over uw gezicht en een ooglidspreider.
  • Wij druppelen een beetje  verdunde jodium in uw oog gedruppeld; dit moet één minuut intrekken. 
  • Wij vragen u een bepaalde kant op te kijken. Probeer naar een bepaald punt te kijken tot de injectie gezet is. 
  • De arts spoelt na de injectie het oog met water uit, verwijderd de spreider en doet zalf in uw oog.

De tijd die nodig is in de behandelkamer om het oog te injecteren, is ongeveer vijf minuten. De injectie zelf is vrijwel pijnloos. U kunt enige druk voelen bij de injectie. We adviseren u niet zelf auto te rijden na de injectie. Tevens raden wij u af de eerste 24 uur te zwemmen of de sauna te bezoeken. 

intravitreale injectie
Bron: http://www.noweyeknow.com

Risico’s

Zwangerschap en borstvoeding
Er is weinig bekend over risico’s van injecties met vaatremmers bij zwangerschap en bij borstvoeding. Om die reden wordt het volgende advies gegeven: een vruchtbare vrouw dient adequate anticonceptieve maatregelen te nemen gedurende en tot ten minste drie maanden na staken van de therapie. Tijdens gebruik van dit geneesmiddel wordt het geven van borstvoeding ontraden. 

Geeft u vooral aan de arts aan als u mogelijk zwanger zou kunnen zijn.

Complicaties

  • Infectie

    • Dit is uiterst zeldzaam maar heel ernstig.  Als uw oog binnen vier dagen slechter gaat zien, en/of roder, pijnlijker, meer lichtschuw wordt, dan moet zo snel nogelijk uw arts  waarschuwen. Het is zeer belangrijk dat u snel wordt behandeld! Deze zeldzame complicatie kan namelijk blijvende slechtziendheid veroorzaken. 
      Bel overdag: 043-387 68 00
      Buiten kantooruren: 043-387 67 00 en vraag naar de dienstdoende oogarts
  • Oogdrukverhoging direct na de injectie

    Als dat nodig is, behandeld de oogarts dit direct.

  • Oogdrukverhoging op de lange termijn

    • Door frequente (vele?) injecties kan de oogdruk wat oplopen. Dit speelt vooral een rol bij patiënten die al glaucoom hebben. Bij de controles meten wij daarom dan ook regelmatig de oogdruk op. Bij injecties met corticosteroiden komt oogdrukverhoging vaker voor. Het kan nodig zijn dat u (tijdelijk) oogdrukverlagende druppels  moet gebruiken.

Bijwerkingen

  • Rood oog meteen na de injectie

    De injectie gaat door het witte gedeelte van het oog. Hierin bevinden zich vele kleine bloedvaatjes. Er kan daarom meteen na de injectie een klein bloedinkje in het oogwit te zien zijn. Dat is onschuldig. Een enkele keer kan de bloeding groter zijn waardoor een groot deel van het oogwit diep rood kleurt. Een kleine bloeding is binnen een paar dagen weggetrokken, een grotere kan wel een paar weken nodig hebben.

  • Branderigheid

    Het oog kan na de injectie branderig aanvoelen. Dit komt door de jodium. De gel die u meekrijgt, kan deze branderigheid doen verminderen. Deze klachten zijn binnen 24 uur hersteld. 

  • Zien van een balletje in het beeld

    In het naaldje kunnen kleine luchtbelletjes verscholen zijn. Als een luchtbelletje in het oog komt, ziet u een bewegend balletje onder in uw beeld. Dit verdwijnt binnen een of twee dagen. 

Contact

Als u na het lezen van dit informatieblad nog vragen heeft, neem dan contact met ons op.

Polikliniek Oogheelkunde: 043 - 387 68 00
op werkdagen van 8.00 uur tot 17.00 uur

Spoed Eisende Hulp (SEH): 043 - 387 67 00
na 17.00 uur en in het weekend
Vraag naar de dienstdoende oogarts.

 

Laatst bijgewerkt op 10 september 2021