Zwangere buik met genetische code

Patiëntinformatie

PGT en ivf: de behandeling

Als de voorbereidende onderzoeken zijn afgerond, kan de PGT-behandeling beginnen. In dit informatieblad leest u meer over de verschillende stappen. 

Het startgesprek

Voor de start van de eerste PGT-behandeling heeft u eerst een gesprek. 

De ivf-arts, gynaecoloog of een gespecialiseerd verpleegkundige:

  • bespreekt met u het verloop van de behandeling
  • geeft aan welke medicatie u op welk moment moet nemen
  • geeft instructie hoe u zelf de noodzakelijke hormooninjecties kunt zetten en maakt met u afspraken voor controles.

De ivf-behandeling

Bij ivf wordt de bevruchting in het laboratorium tot stand gebracht door eicellen en zaadcellen samen te voegen. De ivf-behandeling omvat de volgende stappen:

  1. Enkele weken voordat de ivf-behandeling start, begint de vrouw met het slikken van de anticonceptiepil.
  2. De behandeling begint met het zelf zetten van de eerste hormooninjecties die noodzakelijk zijn om de eigen hormoonproductie stil te leggen.
  3. Na twaalf tot veertien dagen gaat u zelf FSH-injecties zetten. Deze injecties brengen de eicellen tot rijping.
  4. Tijdens de behandeling worden meerdere echo’s gemaakt om de rijping van de eiblaasjes te volgen.
  5. Als er voldoende eiblaasjes zijn (meestal na tien tot veertien dagen), volgt de eicelpunctie. Met pijnstilling wordt het vocht, met daarin de eicellen, uit de eiblaasjes opgezogen. Gynaecologen noemen dit ‘het oogsten van de eicellen’. Een eicelpunctie duurt vijftien tot dertig minuten. Na de eicelpunctie worden de eicellen in het ivf-laboratorium bevrucht door ze samen te brengen met zaadcellen van de man.
  6. Nadat de eicellen in het ivf-laboratorium zijn bevrucht, beginnen ze zich te delen. Wanneer de eicellen gedeeld zijn, spreken we van embryo’s. Na drie tot vijf dagen bestaat het embryo uit gemiddeld 8 tot 60 cellen.

De biopsie

Om vervolgens het PGT-onderzoek te kunnen uitvoeren, is een biopsie van een of meerdere cellen uit het embryo nodig. Met een laserstraal wordt een kleine opening gemaakt in de schil die het embryo omhult. Via een dunne naald wordt vervolgens één of meerdere cellen weggezogen uit het embryo.

De afgenomen cel(len) worden in het laboratorium onderzocht om vast te stellen of een embryo wel of niet de aandoening heeft. Er zijn twee manieren om een biopsie uit te voeren: de blastomeerbiopsie of de TE-biopsie.

Blastomeerbiopsie

Een blastomeerbiopsie wordt uitgevoerd op de derde dag na de bevruchting. Er wordt één cel afgenomen (soms twee). Als het PGT-onderzoek is uitgevoerd, wordt een embryo zonder de genetische aanleg van de ziekte die u wilt voorkomen, teruggeplaatst in de baarmoeder.

Dag 3 blastomeer biopsie

TE-biopsie

Een trophectoderm- of TE-biopsie vindt plaats op de vijfde of zesde dag na de bevruchting. Er worden meerdere cellen afgenomen. Als het PGT-onderzoek is uitgevoerd, wordt één van de embryo’s waarvan is  vastgesteld dat het de aandoening niet heeft, teruggeplaatst in de baarmoeder.

Trofectoderm biopsie

Het PGT-onderzoek

Bij PGT worden de cellen die verkregen zijn met de biopsie onderzocht op de genetische aandoening die aanleiding was tot de behandeling. Dit onderzoek van de cellen gebeurt altijd in Maastricht en duurt, afhankelijk van de indicatie, 24 uur tot vier weken. Op basis van het onderzoek wordt besloten welke embryo’s in aanmerking komen voor terugplaatsing in de baarmoeder.

Het invriezen van embryo’s

Afhankelijk van de duur van het PGT-onderzoek wordt bij een blastomeerbiopsie soms een verse terugplaatsing uitgevoerd. Het wat kwaliteit betreft beste embryo zonder de aandoening, wordt dan teruggeplaatst in de baarmoeder zonder eerst te zijn ingevroren.

De andere embryo’s zonder de aandoening worden ingevroren voor het geval de eerste behandeling niet succesvol is of als er de wens is voor een tweede kind.

Als het PGT-onderzoek langer duurt, worden alle embryo’s ingevroren na de biopsie.

Bij een TE-biopsie worden alle embryo’s ingevroren na de biopsie. Na het genetische onderzoek wordt één van de embryo’s zonder de aandoening ontdooid en teruggeplaatst. Ook hier worden de andere embryo’s zonder de aandoening bewaard.

ivf invriezen embryo's

Contact

Heeft u vragen of bent u verhinderd? Laat het ons weten.

Maastricht UMC+
Klinische Genetica
T: (+31) (0)43 387 58 55
E: polikliniek.klinischegenetica@mumc.nl


 

Website

PGT Nederland is een samenwerkingsverband tussen het PGT-centrum Maastricht UMC+ en UMC Utrecht, UMC Groningen en Amsterdam UMC.

Laatst bijgewerkt op 18 juni 2021