Mumc+ foto online folders

Patiëntinformatie

Ciclosporine (Sandimmune®, Neoral®)

Bij colitis ulcerosa

Uw behandelend arts en/of verpleegkundige heeft met u gesproken over het gebruik van ciclosporine. In dit informatieblad krijgt u uitleg over de werking en het gebruik van dit medicijn en hoe u moet handelen in geval van bijwerkingen. Deze tekst is echter géén vervanging van de bijsluiter. Hebt u na het lezen van de informatie nog vragen, dan kunt u daarmee bij uw behandelend arts of verpleegkundige terecht.

Algemeen

De oorzaak van de ziekte van Crohn en colitis ulcerosa is niet bekend. Elke behandeling met medicijnen is gericht op het onderdrukken van ontstekingsreacties. Dit leidt tot vermindering van klachten en verkleint de kans op complicaties die zich bij deze ziekte voor kunnen doen.

Medicijnen kunnen de darmontsteking onderdrukken maar de huidige medicijnen kunnen de ziekte niet definitief genezen. Na het afbouwen van of stoppen met medicijnen kunnen de klachten weer terugkomen.

Werking

Ciclosporine hoort tot de groep van immunosuppressiva. Dit zijn geneesmiddelen die de natuurlijke lichaamsafweer onderdrukken. Op deze wijze wordt de ontsteking in de darm afgeremd. Het duurt een aantal dagen voordat de werking van Ciclosporine merkbaar is. Ciclosporine kan in combinatie met andere medicijnen worden voorgeschreven.

Ciclosporine

Gebruik

Ciclosporine wordt in het begin van de behandeling vaak via een infuus in de ader toegediend tijdens een ziekenhuisopname. De arts bepaalt voor u de juiste dosering. De dosering wordt onder andere berekend aan de hand van uw lichaamsgewicht. Als het ciclosporine-infuus goed aanslaat, Krijgt u na een aantal dagen  ciclosporine in capsulevorm (Neoral®). Deze krijgt u gedurende drie tot zes maanden. Uw arts kan voor u bepalen of deze periode in uw geval ingekort of verlengd wordt.

De capsules worden bij voorkeur verdeeld over twee doseringen per dag (een dosis ’s ochtends en een dosis ’s avonds) met twaalf uur tussen de beide innamen; bijvoorbeeld om 8:00 uur en om 20:00. U slikt de capsules in het geheel door met voedsel, water of melk. Neem de ciclosporine niet in samen met grapefruitsap. In een glas fabrieksmatig grapefruitsap zitten namelijk veel grapefruits.

Grapefruit versterkt de werking van ciclosporine, waardoor bijwerkingen kunnen ontstaan. Stopt u met ciclosporine, dan kunt u de dag daarna weer grapefruitsap drinken.

De capsules moeten heel te worden doorgeslikt. U mag er dus niet op kauwen of de capsules openmaken.

Als u de capsules vergeten bent in te nemen, neem deze dan binnen acht uur alsnog in. Als het langer dan acht uur geleden is, neem de vergeten capsules dan niet meer in en ga door met de eerstvolgende inname.

Bijwerkingen

Bijwerkingen treden niet bij iedereen op. Als deze bij u wel optreden, waarschuwt u dan uw behandelend arts of verpleegkundige. De volgende bijwerkingen kunnen optreden:

Regelmatig:
  • Bloedbeeldafwijkingen. Ciclosporine onderdrukt het beenmerg, waar de voorlopers van nieuwe bloedcellen worden gemaakt. Met name bij hoge dosering ontstaat er een tekort aan bepaalde bloedcellen. Het gevolg is bloedarmoede, meer kans op bloedingen en een verminderde afweer. Bloedbeeldafwijkingen kunnen binnen enkele weken ontstaan. Het bloed wordt daarom regelmatig gecontroleerd door uw behandelend arts. Door verlagen van de dosis of na stoppen van het gebruik verdwijnen deze bloedbeeldafwijkingen weer.
  • Hoge bloeddruk.
  • Nierbeschadiging. De arts controleert regelmatig door bloedafname of uw nieren nog goed werken. Zorg dat u voldoende drinkt. Raadpleeg uw arts als u binnen enkele dagen in gewicht toeneemt of dikke enkels of onderbenen krijgt.
Soms:
  • Trillende of bevende handen.
  • Branderig gevoel van de handen en voeten.
  • Hoofdpijn.
  • Te hoog cholesterolgehalte in het bloed.
Spiegelbepaling

Uw arts doseert ciclosporine aan de hand van de dal spiegel, dit is de spiegel van het medicijn vooraf aan de inname van het medicijn. Als uw arts aangeeft dat deze spiegel gemeten moet worden kan dit het best in de ochtend vlak voordat u normaal het middel inneemt.

Interacties met andere geneesmiddelen

Dit middel heeft wisselwerkingen met vele andere medicijnen. Sommige medicijnen beïnvloeden bij gelijktijdig gebruik, de bloedspiegels en/of sommige bijwerkingen van Ciclosporine. Meld altijd bij uw huisarts of specialist dat u met Ciclosporine wordt behandeld. Overleg bij de start van Ciclosporine over het gebruik van uw overige medicatie, en overleg elke keer weer bij de start van een nieuw geneesmiddel.

Vruchtbaarheid

Voor zover bekend heeft ciclosporine geen ongunstige invloed op de vruchtbaarheid van mannen en vrouwen.

Zwangerschap

Het is niet bekend of ciclosporine schade veroorzaakt aan het ongeboren kind. Daarom is het belangrijk om uw arts te informeren als u een zwangerschap overweegt of al zwanger bent. Het doorgebruiken van ciclosporine wordt meestal afgeraden. Mannen met een kinderwens kunnen ciclosporine blijven gebruiken.

Zelden:
  • Gevoelig, gezwollen of bloedend tandvlees, vooral aan het begin van de behandeling. U kunt deze klachten verminderen door uw gebit en tandvlees geregeld te poetsen en door te flossen. Bezoek elk half jaar uw tandarts. Raadpleeg uw arts als u last van uw tandvlees heeft of houdt.
  • Verlies van eetlust, misselijkheid en diarree. Bent u vaak  misselijk, neem het middel dan bij een maaltijd in.
  • Veranderingen in uiterlijk: toename lichaamsbeharing, gewichtstoename, opgezwollen gezicht en borstvorming bij mannen.
  • Moeheid.
  • Jichtaanvallen bij mensen met aanleg tot jicht. Deze mensen mogen ciclosporine niet gebruiken.
  • Spierpijn en spierkrampen.
  • Epileptische aanvallen door een tekort aan magnesium. Mensen met epilepsie hebben hier meer kans op. De arts kan de hoeveelheid magnesium in het bloed controleren en eventueel extra magnesium voorschrijven.
  • Verminderde leverwerking, zeer zelden overgaand in leverbeschadiging. De arts zal regelmatig de leverfunctie controleren. Merkt u een gevoelige, opgezwollen buik of een gele verkleuring van het oogwit of van de huid, waarschuw dan een arts. Na verlaging van de dosering of na stoppen verdwijnt deze bijwerking weer.
  • Verhoogde kans op infecties, bijvoorbeeld van de luchtwegen, zoals verkoudheid en hoesten. Dit komt omdat de afweer is verminderd. Meld de volgende verschijnselen altijd aan uw arts: koorts, keelpijn, verkoudheid, griep en huidinfecties als steenpuisten.

Borstvoeding

U kunt beter geen ciclosporine gebruiken als u borstvoeding geeft. Het medicijn wordt namelijk in de moedermelk uitgescheiden. Overleg bij twijfel met uw arts.

Tot slot

Deze folder is tot stand gekomen door samenwerkende IBD verpleegkundigen en MDL artsen binnen respectievelijk het NNIC en de ICC. De folder is ontwikkeld conform NNIC richtlijnen om uniformiteit binnen de voorlichting ten aanzien van IBD patiënten in Nederlandse zorginstellingen na te streven. Op basis van goed hulpverlenerschap kan onder bepaalde omstandigheden van de inhoud worden afgeweken. De inhoud van de folders kan wijzigen in de loop van de tijd. De NNIC en de ICC wijzen er op dat aan de inhoud van deze uitgave geen rechten of plichten kunnen worden ontleend. Uitgave september 2012.

Zeer zelden:
  • Allergische reacties met jeuk of galbulten, huiduitslag, griepachtige verschijnselen, koorts, spierpijn, benauwdheid of flauwvallen. Stop in dit geval het gebruik en raadpleeg uw arts. U mag dit middel in de toekomst niet meer gebruiken. Geef daarom aan uw arts en de apotheek door dat u overgevoelig bent voor ciclosporine.
  • Verhoogde kans op huidtumoren. Incidenteel is dit opgemerkt bij patiënten die hoge doseringen gebruiken. Ga niet overmatig zonnebaden of onder zonnebank of solarium.
  • Als u diabetes mellitus (suikerziekte) heeft, kunt u een hoger bloedglucosegehalte krijgen. Controleer daarom regelmatig uw bloedglucosegehalte.
  • Gezwollen borsten, pijnlijke menstruatie of uitblijven van de menstruatie.
  • Raadpleeg uw arts als u last heeft van één van de bovengenoemde bijwerkingen of als u andere bijwerkingen ervaart waar u zich zorgen over maakt.

Contact

Als u na het lezen van dit informatieblad nog vragen heeft, neem dan contact op met de Polikliniek Interne Geneeskunde van het Maastricht UMC+ via tel. 043-387 51 00 (tijdens kantooruren).

Laatst bijgewerkt op 26 juli 2021