Gewrichtsdistractie van de knie is een operatie om pijn bij knie-artrose te verminderen.
In deze folder vindt u informatie over:
- voor wie knie-distractie kan helpen
- hoe de behandeling in zijn werk gaat
- wat dat voor u betekent
- de voordelen en nadelen van de behandeling
Wat is gewrichtsdistractie van de knie?
Gewrichtsdistractie van de knie is een nieuwe methode om de pijn bij artrose van de knie te verminderen. Gewrichtsdistractie zorgt ervoor dat het kraakbeen 6 weken rust krijgt en zo gedeeltelijk kan herstellen. Daarna volgt een herstelperiode waarin u leert de knie geleidelijk weer volledig te gebruiken.
U heeft ongeveer 70% kans dat uw pijn met meer dan de helft vermindert.
Bij artrose is het kraakbeen in het gewricht ruw en dun geworden (zie tekening rechts).
In een gezonde knie is het kraakbeen glad en soepel om bewegingen makkelijk en pijnloos te laten verlopen.
Op de foto links ziet u een distractor rondom de knie. Hij bestaat uit twee uitschuifbare buizen die bij de operatie boven en onder de knie zijn vastgeschroefd in het bot. De buizen worden in de eerste 4 dagen van de behandeling 5 millimeter uit elkaar gedraaid. Hierdoor gaan de gewrichtsvlakken van de knie wat uit elkaar en wordt het kraakbeen van de knie minder belast. De distractor blijft 6 weken zitten. In die tijd kan de artrose verbeteren.
Waarom deze behandeling?
Bij jongere patiënten met knie-artrose willen we het plaatsen van een nieuwe knie (knie- prothese) zo lang mogelijk uitstellen. Hiervoor zijn de volgende redenen:
- Jonge patiënten merken door hun actieve leefstijl sneller de beperkingen van een knieprothese. Bij hen helpt de prothese vaak minder goed tegen pijn of stijfheid dan ze hadden gehoopt.
- Bij jongere patiënten gaat een nieuwe knie vaak minder lang mee dan bij ouderen. Dit omdat jongeren een actievere leefstijl hebben en vaak nog belastend werk doen.
- Patiënten die toch op jongere leeftijd al hun eerste knieprothese krijgen, hebben door de beperkte levensduur van de prothese vaak meerdere vervangingsoperaties (revisies) nodig. Dit geeft een grotere kans op ernstige infecties en andere complicaties.
Bij jongere patiënten kijken we daarom eerst naar behandelingen waarbij het gewricht niet wordt vervangen, maar (tijdelijk) minder belast wordt. Een mogelijkheid hiervoor is de gewrichtsdistractie van de knie, waarover u in deze folder meer leest. Voor informatie over overige behandelingen kijkt u op onze website onder artrose (orthopedie.mumc.nl/artrose)of knie (orthopedie.mumc.nl/knie).
Distractie van de knie kan een goede behandeling zijn als:
- er sprake is van matige tot ernstige artrose van de knie.
- de pijnklachten en slijtage zich vooral bevinden tussen het onderbeen en het bovenbeen, dus niet achter de knieschijf.
- de behandeling met medicijnen, injecties en leefstijl-adviezen te weinig effect heeft.
- uw leeftijd lager is dan 65 jaar.
- uw BMI lager is dan 35.
- u een goede botkwaliteit heeft om de distractor stevig te kunnen plaatsen.
U beslist zelf
De ernst van de artrose wordt vastgesteld door lichamelijk onderzoek en röntgenfoto’s. Als de arts vaststelt dat distractie van de knie bij u zou kunnen helpen, wordt dit uitgebreid met u besproken. U bepaalt zelf of u toe bent aan een operatie. Door voldoende informatie en een goede voorbereiding kunnen onnodige spanningen en teleurstellingen voorkomen worden.
Hierbij moet u weten dat de periode na het plaatsen van de distractor lastig kan zijn:
- U kunt de knie gedurende 6 weken niet buigen.
- De distractor en de huid moeten dagelijks goed verzorgd worden.
- Na het verwijderen van de distractor is er een nabehandelings- en herstelperiode waarin u oefent om de knie steeds meer te buigen en te belasten.
Hoe lang duurt de behandeling?
- voorbereiding op de operatie en op de periode erna. Bijvoorbeeld oefenen met lopen met krukken.
- eerste operatie: plaatsing van de distractor.
- 2 tot 3 dagen opname in het Maastricht UMC+.
- 6 weken lopen met de distractor. U kunt uw knie niet buigen.
- tweede operatie: verwijderen van de distractor tijdens een dag-opname.
- eerste herstelperiode van 8 tot 16 weken: geleidelijk weer gaan gebruiken van de geopereerde knie met fysiotherapie.
- tweede herstelperiode van 6 tot 12 weken: trainen op kracht en uithoudingsvermogen.
Voorbereiding op de operatie
Narcose
Voor de operatie heeft u een afspraak met de anesthesist. Meer informatie vindt u op de website van Anesthesiologie (anesthesiologie.mumc.nl/).
De operatie gebeurt onder algehele narcose of met een ruggenprik. Tijdens de operatie moet u nuchter zijn. Dat betekent dat u voor de operatie niet mag eten of drinken. Een lege maag is belangrijk om de risico’s van de narcose zo klein mogelijk te houden.
Oefenen met krukken
Het herstel na de operatie gaat sneller als u vóór de operatie alvast leert lopen met krukken. Daarom krijgt u een machtiging voor fysiotherapie. Hiermee kunt u naar elke fysiotherapeut om te oefenen om met 2 krukken te lopen.
Planning voor na de operatie
U kunt alvast een planning maken met de fysiotherapeut voor de periode vlak na de operatie om snel en goed te genezen en stabiel te leren lopen. Vraag ook of de fysiotherapeut eventueel bij u aan huis kan komen, omdat u niet zelf kunt autorijden in de eerste 6 weken na de operatie.
Opname
U wordt opgenomen op de afdeling Orthopedie C4. Meer informatie vindt u op de website van Orthopedie (orthopedie.mumc.nl/verpleegafdeling).
Op de dag van uw opname heeft u een gesprek met een verpleegkundige die u vragen stelt over uw gezondheid en uw thuissituatie en u informeert over wat u kunt verwachten op de afdeling. Natuurlijk kunt u ook zelf uw vragen stellen. Hoe lang u opgenomen blijft, hangt af van uw voorbereiding. Bijvoorbeeld of u al met krukken kunt lopen en hoe snel u leert de distractor te verzorgen. Gemiddeld is dit 2 tot 3 dagen.
Operatie: Plaatsen van de distractor
De distractor wordt geplaatst onder algehele verdoving of verdoving via een ruggenprik.
Tijdens de operatie worden er pennen in het bot geplaatst. Zowel in het bovenbeen als het in het onderbeen. De pennen worden onderling verbonden met 2 buizen waar een veer in zit. De chirurg draait de knie al 2 millimeter uit elkaar terwijl u nog verdoofd bent. De operatie duurt ongeveer 45 minuten.
Na de operatie
- Vanaf de eerste dag mag u uit bed en gaat u onder begeleiding oefenen met lopen met de distractor om het been. Door de distractor kunt u het been niet buigen. U mag wel volledig op het been steunen maar u moet met krukken lopen om uw evenwicht goed te kunnen bewaren. De fysiotherapeut leert u bijvoorbeeld hoe u het beste in en uit uw bed of stoel kunt komen.
- Na de operatie moeten de “tubes” van de distractor nog verder uit elkaar gedraaid worden. Dit gebeurt geleidelijk in 3 dagen. Elke dag ’s ochtends 0,5 millimeter en ’s avonds 0,5 millimeter tot in totaal 5 mm distractie is bereikt. Tijdens de operatie is al 2 millimeter distractie gegeven. Als u snel naar huis mag, kunt u de laatste millimeter eventueel zelf thuis uitdraaien.
- Enkele uren na de operatie begint u onder leiding van de verpleegkundige met het toedienen van bloed verdunnende medicijnen door middel van injecties. U moet uzelf gedurende 7 weken dagelijks een injectie geven. Behalve op de dag vóór de tweede operatie en op de dag van die operatie zelf, zie verder in de folder.
Bloed verdunnende medicijnen gaan de vorming van stolsels in de bloedvaten (trombose) tijdens de behandeling tegen. - Wanneer u een blaaskatheter heeft, wordt deze op de eerste dag na de operatie verwijderd.
- U leert de wondjes en de distractor te verzorgen, zie verder in de folder.
Wondverzorging en wondcontrole
Na de operatie kan het wondgebied blauw/rood worden. Dit komt door een onderhuidse bloeduitstorting die kan ontstaan tijdens de operatie. Deze verdwijnt vanzelf. Ook kan uw knie een tijdje warm aanvoelen.
De pennen van de distractor hebben een directe verbinding met de spieren en het bot. Op de plaats waar de pen de huid in gaat (het pengat) kan een infectie optreden. De huid rond de insteekopening wordt dan rood en kan pijnlijk aanvoelen. Het risico op een infectie kan verkleind worden door een goede hygiënische verzorging van de pengaten, pennen en distractor. Tijdens de opname leert de verpleegkundige u dit. U krijgt de instructie mee naar huis en kunt deze ook nalezen in de folder 'Kniedistractie: instructies voor verzorging van de distractor'. (info.mumc.nl/pub-863)
Wanneer de huid toch gaat ontsteken, moet u contact opnemen via een van de telefoonnummers bij 'Contact'. De pengaten zullen dan beoordeeld worden door een arts en u krijgt antibiotica als het nodig is. Start niet met antibiotica (ook niet via uw huisarts) voordat u overlegd heeft met de afdeling Orthopedie.
Het ontslag
Tijdens uw verblijf bekijken we of de wondgenezing en het lopen met krukken normaal verlopen en of u de wond goed kunt verzorgen. Als dit zo is, mag u naar huis. Wanneer het herstel minder vlot verloopt, blijft u langer opgenomen.
Bij het ontslag wordt gecontroleerd of u een verwijzing voor de fysiotherapeut bij u in de buurt heeft, zodat de behandeling thuis voortgezet kan worden. Het is goed om vóór uw opname al een afspraak hiervoor te maken en te vragen of de fysiotherapeut bereid is om aan huis te komen.
Weer thuis
Let op!
Met de distractor mag u niet:
- autorijden
- zwemmen of in de sauna
- in bad
Verder is van belang:
- De distractor zit aan de buitenkant rond de knie. Realiseert u zich, dat u geen ‘normale’ broek kunt dragen maar wel bijvoorbeeld een wijde sportbroek.
- Gedurende 7 weken (zolang de distractor om de knie zit, maar ook nog een week na het verwijderen van de distractor) gebruikt u dagelijks de bloedverdunners (injecties).
- U moet elke dag de wondjes en de distractor verzorgen.
- Als het nodig is, oefent u enkele keren met de fysiotherapeut. U loopt met 2 krukken en mag het been volledig belasten.
- Bij pijn rond de pengaten kunt u paracetamol gebruiken.
Poliklinische controle
Na 3 weken komt u op de polikliniek voor controle bij een verpleegkundig specialist of een arts. De pengaten zullen gecontroleerd worden op infecties en de distractor wordt nagekeken.
Natuurlijk is er ook tijd om vragen te stellen als er nog dingen onduidelijk zijn of als u ergens onzeker over bent. Als het nodig is, kunt u ook eerder contact opnemen. Zie de contactinformatie verder in deze folder.
Tweede operatie: Verwijderen van de distractor
Let op!
Als er in de 6 weken voor de tweede operatie bijzonderheden zijn met uw gezondheid (zoals problemen met uw hart of longen), moet u dit u dit melden aan de orthopedisch chirurg of de verpleegkundig specialist en aan de anesthesist.
Let op!
U moet de bloed verdunnende medicijnen niet spuiten op de dag vóór de tweede operatie en ook niet op de dag van de operatie zelf.
U start daar weer mee 1 dag na de tweede operatie. U geeft uzelf dan nog 1 week elke dag de injecties. In totaal gebruikt u dus 7 weken een bloed verdunnend medicijn.
De tweede operatie is 6 weken na de eerste operatie. Dan wordt de distractor onder verdoving (algehele narcose of een ruggenprik) verwijderd. Omdat de knie stijf is geworden na 6 weken niet buigen, wordt de knie voorzichtig gebogen en gestrekt terwijl u nog verdoofd bent.
U bent voor deze kleine operatie 1 dag in het ziekenhuis (dag-opname).
Na genezing heeft u kleine littekens op uw been van de insteekopeningen.
Oefeninstructies voor thuis
Na de tweede operatie, als de distractor verwijderd is, krijgt u intensieve fysiotherapie waarbij u leert om uw knie geleidelijk weer te gebruiken:
- Als de distractor verwijderd is, mag u het been niet meteen belasten. Dit omdat het herstelde gewrichtskraakbeen langzaam moet wennen om weer gebruikt te worden. U leert lopen met 2 krukken waarbij u het been met 10 tot 15 kg belast. Dit heet aantippen.
- Elke week mag u de belasting uitbreiden met 10 tot 15 kg totdat de volledige belasting is bereikt.
- Wanneer de volledige belasting is bereikt, bouwt u geleidelijk het gebruik van krukken af. Dit duurt ongeveer 1 week.
- Van de fysiotherapeut krijgt u oefeningen om uw beenspieren te versterken en om de beweeglijkheid van de knie te verbeteren, zodat uw knie weer soepel wordt.
- Naast de oefeningen is het belangrijk dat u zelf de beweeglijkheid van uw knie en de spierkracht onderhoudt. Het is goed om regelmatig te bewegen en te lopen en dit af te wisselen met voldoende rust. Het kan zijn dat uw knie op het oefenen reageert met zwelling of warm worden. U moet dan de oefeningen en de loopafstand aanpassen en minderen.
Door de knie samen met de fysiotherapeut te oefenen komt de functie van de knie in de loop van een aantal weken tot maanden geleidelijk weer terug.
De richtlijnen voor de nabehandeling door de fysiotherapeut vindt u in de folder 'Richtlijnen voor revalidatie na gewrichtsdistractie'. (info.mumc.nl/pub-979)
Complicaties en risico’s
Ondanks alle zorg rondom de operatie, kunnen er soms toch nog complicaties optreden zoals Pengat-infectie. Dit merkt u aan één of meer van de volgende verschijnselen:
- de wondjes van de pennen gaan lekken. Er komt pus uit de wondjes.
- de huid rond de wondjes wordt rood en doet pijn.
- de knie wordt steeds dikker.
- de knie doet steeds meer pijn doen, ook bij voldoende rust.
- u kunt niet meer op het been staan, terwijl dit tevoren goed mogelijk was.
- u heeft koorts boven 38,5 graden.
Overige complicaties
- Trombose (stolsel in de bloedbaan). Om te zorgen dat dit niet gebeurt, gebruikt u dagelijks bloed verdunnende medicijnen. Het risico op trombose is dan erg klein.
- Algemene risico’s van anesthesie vindt u op de website van de Anesthesiologie (anesthesiologie.mumc.nl/).
Heeft u een van deze klachten? Neem dan contact met ons op.
Als de wond lekt of als er een verdenking is op een infectie van de pengaten, raden wij u aan eerst de knie te laten beoordelen op de Spoedeisende Hulp van het MUMC+, voordat u eventueel met antibiotica begint.
Tips en opmerkingen van andere patiënten
- Oefen met de fysiotherapeut voor de ingreep het lopen en traplopen met krukken.
- Denk na of traplopen haalbaar is na de ingreep.
- Denk na over plaatsing van uw bed gelijkvloers.
- U heeft gedurende een lange periode hulp van anderen nodig, bijvoorbeeld voor vervoer of huishoudelijk werk.
- Zelf autorijden is enkele maanden niet mogelijk.
- Het dragen van een gewone broek is met de distractor niet mogelijk. Wel bijvoorbeeld een wijde sportbroek.
- Houd rekening met pijn en ongemak van de pengaten tijdens de eerste 6 weken. Zorg dat u paracetamol in huis heeft.
- Neem deze folder mee als u opgenomen wordt. U kunt dan alle informatie nog eens nalezen.
Contact
Heeft u na het lezen van deze informatie nog vragen? Neem dan contact met ons op:
Verpleegkundig specialist
Telefoonnummer: 043 – 387 69 00, tijdens kantooruren
Zaalarts van afdeling C4
Telefoonnummer: 043-387 64 30 of 043-287 44 30, tijdens kantooruren
In de weekenden, ’s avonds en ’s nachts belt u de afdeling Spoedeisende hulp
Telefoonnummer: 043 - 387 6700, vraag naar de dienstdoende arts orthopedie
Bij klachten neemt u contact op met:
Verpleegkundig specialist W. Wijnen
Telefoonnummer: 043-387 65 43, sein 4936
Website
- Orthopedie MUMC+ (www.orthopdie.mumc.nl)
- MUMC+ (www.mumc.nl)
- Gezond Idee (gezondidee.mumc.nl/)