mumc+ GOED

Folder

Totale Laparoscopische Hysterectomie (TLH)

Verwijderen van de baarmoeder via kijkoperatie

U krijgt een operatie voor het verwijderen van uw baarmoeder. We noemen deze operatie een Totale Laparoscopische Hysterectomie (TLH). Het medische woord voor het verwijderen van de baarmoeder is hysterectomie of uterusextirpatie.
Deze operatie gebeurt vaak bij baarmoederkanker. De arts heeft u eerder al onderzocht. Hij heeft toen bekeken in welke fase de ziekte is. De arts heeft samen met u besloten dat deze operatie de beste behandeling is.
U wordt opgenomen op verpleegafdeling Gynaecologie (VEA4).

Laat deze folder gerust ook aan familie lezen. Dan weten ook zij wat ze kunnen verwachten. Bekijk hieronder ook de informatieve film "naar de operatiekamer". 

Naar de OK - ondertitels

De oproep

Meestal plannen wij meteen een datum voor de operatie. Is de operatiedatum nog niet bekend? Dan krijgt u binnenkort een oproep. Een medewerker van het Opnamebureau informeert u over de precieze datum en het tijdstip. Dit gebeurt meestal telefonisch. U hoort dan ook hoe laat u op de dag van de operatie in het ziekenhuis moet zijn.

Voorbereiding

Voor de operatie heeft u een paar onderzoeken en gesprekken in het ziekenhuis. Deze vinden plaats op de polikliniek Oncologie.
Sommige onderzoeken gebeuren tijdens uw afspraak op de polikliniek. Voor andere onderzoeken maken wij een aparte afspraak met u.
Heeft u vragen, bijvoorbeeld over het onderzoek? Dan kunt u deze stellen tijdens het telefonisch spreekuur met de verpleegkundig specialisten. U vindt het nummer verderop in deze folder onder het kopje Contact.

Consult anesthesioloog

Voor de operatie heeft u ook een afspraak met de anesthesioloog. Dit is een specialist voor narcose en pijnbestrijding. Hij bekijkt uw lichamelijke conditie. Soms is er voor de narcose nog een onderzoek nodig. Als dit zo is, dan hoort u dit van de anesthesioloog.

De narcose

De operatie vindt plaats onder complete narcose. Dit betekent dat u zult slapen tijdens de operatie en we u helemaal verdoven.

De dag van opname

U komt op de dag van de operatie nuchter naar de verpleegafdeling. Dit betekent dat u vanaf 24.00 uur niets meer mag eten. Tot 6.00 uur ’s morgens mag u wel nog heldere dranken drinken. Voorbeelden hiervan zijn water, thee en appelsap. U mag ’s morgens gewoon douchen.

Wij brengen u van de verpleegafdeling naar de operatiekamer. Van tevoren krijgt u een ziekenhuisjasje om aan te doen. U mag geen andere kleren aanhouden. Draagt u contactlenzen of een kunstgebit? Dan moet u deze uitdoen. Ook mag u geen make-up en sieraden dragen. Dit is belangrijk, zodat we u tijdens de verdoving goed kunnen controleren.

De operatie

De operatie is een zogenaamde kijkoperatie. Tijdens de operatie brengt de gynaecoloog een kijkbuis naar binnen in uw buikholte. De buikholte is het binnenste deel van de buik. Op deze manier kan hij de baarmoeder en baarmoederhals zien en verwijderen.
Als het nodig is, verwijdert hij ook de eierstokken. De arts brengt nog drie andere buisjes naar binnen in uw buikholte. Ook blazen wij koolzuuurgas in uw buikholte. Zo kunnen we de baarmoeder en andere organen goed zien. Dit gas verlaat het lichaam weer vanzelf. Soms kan dit tijdelijk wat pijnklachten geven aan uw schouder.

 Laproscopische hysterectomie (bron LUMC)
Laproscopische hysterectomie (bron LUMC)

Na de operatie

U wordt wakker op de uitslaapkamer. Wij verzorgen u hier en houden u goed in de gaten. Als u wakker en fit bent, brengen wij u naar de afdeling. Er zitten dan nog een paar slangetjes in uw lichaam:

  • Een infuus. Via het infuus krijgt u vocht en medicijnen.
  • Een blaaskatheter. Dit is een dunne, flexibele slang in uw blaas. Deze zorgt ervoor dat u kunt plassen. U voelt deze slang bijna niet zitten. Wij brengen deze tijdens de verdoving in. De dag na de operatie halen we deze weer weg.

Direct na de operatie informeren wij uw familie of contactpersoon over hoe de operatie is gegaan. Wij informeren u hier zelf ook over. Vlak na de operatie heeft u hulp nodig van verpleegkundigen. Wij zorgen ervoor dat u geen pijn heeft. U krijgt ook spuiten tegen trombose. Het is belangrijk om goed te bewegen en veel te zuchten. Als u goed wakker bent en niet veel pijn heeft, mag u uit bed komen.

Soms kunt u dezelfde dag nog naar huis, meestal blijft u één nachtje in het ziekenhuis slapen en kunt u de dag daarna weer naar huis.

Weefselonderzoek

Tijdens de operatie nemen we weefsel weg. We onderzoeken dit na de operatie. Het duurt minstens 5 dagen voordat de uitslag bekend is. Als de uitslag bekend is, bekijken we of verdere behandeling nodig is. De arts bespreekt de definitieve uitslag met u. Informeer bij de zaalarts of verpleegkundige wanneer de uitslag bekend is. U kunt dan een partner of naaste vragen om bij dit gesprek te zijn.
Bent u alweer thuis als de uitslag bekend is? Dan krijgt u voor dit gesprek een afspraak op de polikliniek.

Gevolgen van de operatie

  • Mictieproblemen. Na de operatie voelt de aandrang om te plassen soms anders. Dit went vanzelf.
  • Menstruatie en vruchtbaarheid. U heeft na de operatie geen baarmoeder meer. Werd u nog ongesteld voor de operatie? Dan is dit vanaf nu niet meer het geval. Zijn ook uw eierstokken verwijderd? Dan kunt u vroeger in de overgang komen. Soms schrijft de arts hiervoor hormoonvervangende medicijnen voor. Ook kunt u niet meer zwanger worden.
  • Seksualiteit. Na 6 tot 8 weken na de operatie heeft u een eerste controle op de polikliniek. De arts kijkt dan of de wond in uw buik genezen is. Is de wond goed genezen? Dan kunt u weer seks hebben. Door de operatie kan dit anders aanvoelen. Dit kan moeilijk zijn. Voor u en voor uw partner. Misschien vindt u het moeilijk om hierover te praten. U kunt dit gerust met de arts of de verpleegkundig specialist bespreken.
  • Vermoeidheid. Na de operatie kunt u lange tijd moe zijn. Dit duurt soms wel een jaar of langer. Het is niet bekend waarom dit zo is. Het is belangrijk dat u deze moeheid een plek geeft. Ook als uw omgeving dit niet begrijpt. Uw lichaam geeft hiermee namelijk aan dat het rust of slaap nodig heeft om goed beter te worden. Het is daarnaast belangrijk dat u een goede conditie heeft. Probeer regelmatig te bewegen en zo gezond mogelijk te eten.

De duur van de opname

Meestal mag u 1 dag na de operatie weer naar huis.

Het ontslag

Als u naar huis gaat, heeft de wond geen zorg meer nodig. U kunt u zichzelf dan weer verzorgen.

Leefregels voor thuis na de operatie

Het is belangrijk dat u zich thuis aan een aantal regels houdt.

  • U mag tot 3 weken na de operatie geen zwaar lichamelijk werk doen of zwaar tillen. Hiermee bedoelen we meer dan 5 kilo.
  • U mag de eerste 6 weken niet in bad of zwemmen. Dit om te voorkomen dat de wond zacht wordt. Of dat deze gaat ontsteken. U mag wel gewoon douchen.
  • Wij adviseren u om geen vaginaal douches te gebruiken.
  • U mag tot 6 weken na de operatie geen seks hebben.

Herstelperiode

Houd rekening met een herstelperiode van 4 tot 6 maanden. Krijgt u een nabehandeling? Dan duurt het langer om weer helemaal beter te worden.
U mag thuis alle activiteiten doen die u kunt doen. U mag alleen de eerste 3 weken geen zwaar werk doen. Het is daarom goed om voor de operatie al hulp in het huishouden te regelen.
Tijdens de eerste week thuis krijgt u een telefonische afspraak met de verpleegkundig specialist. Dit doen we om u te ondersteunen bij het beter worden. Na de operatie blijft u 5 jaar onder controle bij de gynaecoloog.

Supportive care spreekuur

Na 3, 6 en 12 maanden krijgt u een afspraak op het Supportive care spreekuur. Tijdens dit gesprek bespreken we de gevolgen van de operatie en behandeling met u.

Wanneer moet u de arts waarschuwen?

Krijgt u één of meerdere van de volgende klachten? Neem dan direct contact op met de arts.

  • U verliest ineens veel bloed of vocht uit de wond.
  • De wond wordt rood.
  • U verliest veel bloed uit de vagina, meer dan als u gewoon ongesteld bent.
  • U heeft pijn die niet reageert op pijnstillers zoals paracetamol.
  • U heeft langer dan één dag koorts.
  • U heeft pijn of een branderig gevoel bij het plassen.
  • U bent steeds misselijk of moet steeds braken.
  • U heeft steeds diarree of een verstopping.

Twijfelt u over uw klachten? Of bent u hier onzeker over? Bel dan de arts, de verpleegkundig specialist of uw huisarts.

MUMC+

Contact

Heeft u na het lezen van deze folder nog vragen? Stel deze dan gerust.

Telefonisch spreekuur verpleegkundig specialisten
Moniek Kamps: telefoon 043 - 387 65 43 - sein 7242,
Charlotte Penders: telefoon 043 - 387 65 43 – sein 5536
De verpleegkundig specialisten zijn bereikbaar op werkdagen van 13.00 tot 14.00 uur

Polikliniek Oncologie: voor algemene vragen of het wijzigen van uw afspraak. 
Telefoon 043-387 64 00. Bereikbaar op werkdagen van 09.00 tot 17.00 uur

Meer informatie vindt u ook op de volgende websites.

Websites

Laatst bijgewerkt op 4 januari 2024. Bekijk de meest actuele versie van deze folder op: info.mumc.nl/pub-1452