Folder

Glucose ademtest

Onderzoek naar bacteriën in de dunne darm

U krijgt een glucose ademtest.
Hiermee meten we of u te veel bacteriën in uw dunne darm heeft.
In deze folder leest u hoe dit onderzoek gaat. 

uitvoeren van de glucose ademtest
Uitvoeren van de glucose ademtest

Voorbereiding

U volgt de dag vóór het onderzoek een voorbereidingsdieet. Hierover leest u meer in de folder ‘Dieetvoorschriften voorafgaande aan functie-onderzoek MDL’. (info.mumc.nl/pub-173)

  • Op de dag van het onderzoek moet u nuchter blijven. 
  • Heeft u het onderzoek pas na 12.00 uur? Dan mag u ’s ochtends een licht ontbijt nemen. 
  • Sommige medicijnen hebben invloed op het resultaat van de test. 
  • Vertel het uw arts als u antibiotica gebruikt. 
  • Gebruikt u medicijnen die u niet zomaar mag stoppen? Dan mag u die vroeg in de ochtend nog innemen met een slokje water. Dit zijn bijvoorbeeld medicijnen voor het hart, tegen hoge bloeddruk of epilepsie. 
  • Heeft u een gebitsprothese? Maak deze dan 24 uur voor het onderzoek alleen schoon met tandpasta.

Het onderzoek

U meldt zich op het afgesproken tijdstip bij de Functiekamer MDL-ziekten op niveau 2. Volg G2 – groen. (www.mumcplattegrond.nl/#map/d0_d122) 

De test meet hoeveel waterstofgas u uitademt.

Waterstofgas (H) wordt door darmbacteriën gemaakt tijdens de afbraak van koolhydraten (suikers). Uw bloed neemt dit waterstofgas op. Dan komt het door de longen. Daarna ademt u het weer uit.
Waterstofgas is meetbaar met een zogenaamd H-ademanalyse apparaat. 
Als er veel bacteriën in uw darmen zitten, komt er veel waterstofgas uit met uw uitademing. 

U blaast in een speciaal opvangreservoir, zie foto. Daarin vangen we uw uitademingslucht op. 
Na de eerste keer blazen krijgt u een drankje. In dit drankje zit een oplossing van 50 gram glucose in water. Daarna blaast u elke 30 minuten kort in het apparaat. 

Het onderzoek duurt ongeveer 3 uur. 
U krijgt de uitslag van uw behandelend arts volgens afspraak.

Suikerziekte
Heeft u suikerziekte en gebruikt u insuline?
Gebruik dan uw gewone dosis van de langwerkende insuline. 
U kunt na het drinken van het glucosedrankje eventueel nog kortwerkende insuline bijspuiten.

Let op: spuit niet meer dan de helft van uw gebruikelijke dosering bij . 
Heeft u nog vragen over uw insuline dosering? Neem dan contact op met de arts bij wie u voor de suikerziekte onder behandeling bent.

Mogelijke complicaties

Bij dit onderzoek doen zich gewoonlijk geen complicaties of problemen voor.

Contact

Heeft u na het lezen van deze folder nog vragen? Dan kunt u ze stellen aan uw behandelend arts of bellen met de Functiekamer Maag-, Darm-, Leverziekten van het Maastricht UMC+:  

Telefoonnummer: 043 387 53 61  
Van maandag tot en met vrijdag van 8.00 tot 16.30 uur
E-mail: functiekamer.mdl@mumc.nl

Websites

Laatst bijgewerkt op 30 maart 2026. Bekijk de meest actuele versie van deze folder op: info.mumc.nl/pub-175