Mumc

Folder

Vastenproef

Een onderzoek naar de oorzaak van een lage suiker in het bloed

Samen met uw dokter besloot u om te onderzoeken hoe het komt dat u een lage suiker, of glucose, heeft in uw bloed. Een te veel aan insuline kan een te lage glucose in het bloed veroorzaken. Met de vastenproef kunnen we dit meten in uw bloed.

Het onderzoek gebeurt op de verpleegafdeling in het ziekenhuis

Verpleegafdeling B5 balie bijgesneden
De verpleegafdeling

Doel van het onderzoek

Het doel van een vastenproef is om te zien of u een lage suiker, of glucose, krijgt als u een afgesproken periode niet eet. En of uw insulinespiegel verandert als u tijdens een afgesproken periode niet eet.

Suiker, of glucose, zit in bijna al onze voedingsmiddelen. Glucose is de belangrijkste voedingsbron voor ons lichaam. Als ons maag-darmkanaal voedsel verteert, komt glucose in het bloed. Daarna regelen verschillende systemen in het lichaam de hoeveelheid glucose in het bloed. Een daarvan is het hormoon insuline.

Glucose gaat naar de alvleesklier en zorgt dat de alvleesklier insuline gaat maken. Dan regelt insuline dat verschillende lichaamscellen (spieren, lever, vet) de glucose opnemen. Hierdoor daalt de glucosewaarde in ons bloed. Als de glucosewaarde daalt, dan gaat de alvleesklier minder insuline maken. Op deze manier houdt het lichaam de glucosewaarde binnen de normale grenzen.

Maar, wanneer de alvleesklier te veel insuline blijft maken, dan daalt de glucose verder. Er ontstaat dan een te lage glucosewaarde in het bloed. Dit heet een hypoglykemie. Een hypoglykemie kan klachten geven.

We doen een vastenproef omdat:

  • we willen weten of uw klachten door een hypoglykemie komen
  •  we willen weten wat de oorzaak is van de hypoglykemie

Een oorzaak kan zijn dat uw lichaam te veel insuline maakt.

Door te vasten, dus door niet te eten, daalt de glucosewaarde in het bloed langzaam. Met deze vastenproef meten we of de alvleesklier daar normaal op reageert met een daling van de insulineafgifte. Zoals normaal, daalt de insulinespiegel in ons bloed als de glucose omlaag gaat.

Voorbereiding

  • Het onderzoek vindt plaats in het ziekenhuis. U hoeft voor dit onderzoek niet nuchter naar het ziekenhuis te komen.
  • Gebruikt u medicijnen?
    Uw dokter bespreekt met u welke medicijnen u voor het onderzoek en na het onderzoek mag gebruiken.
  • Bent u zwanger?
    Dan kunt u het onderzoek niet krijgen. Bespreek dit met uw dokter.

Wat neemt u mee naar het ziekenhuis?

  • Uw afsprakenbrief
  • Uw medicijnen en een overzicht van al uw medicijnen
    Dit overzicht kunt u halen bij uw apotheek.
  • De gegevens van de Trombosedienst (als u bij de Trombosedienst bent)
  • Een lijst met uw dieet (als u een dieet moet volgen)
  • Ondergoed, nachtkleding, kamerjas, pantoffels en toiletspullen voor 4 dagen en 4 overnachtingen
  • Makkelijke kleding en makkelijke schoenen
  • Neem geen geld of dure spullen mee
    U bent zelf verantwoordelijk voor uw spullen en u kunt er in het ziekenhuis niet altijd goed op letten.

Het onderzoek

U meldt zich op de dag van het onderzoek aan de balie van de verpleegafdeling. De afdeling, datum en tijd vindt u terug in de afsprakenbrief die u van ons krijgt.

De verpleegkundige neemt met u een aantal gegevens door. De verpleegkundige meet uw gewicht. Dan brengt de verpleegkundige u naar de kamer. Hier blijft u maximaal 4 dagen en 4 nachten. De verpleegkundige doet een dunne naald in uw arm.

Vanaf 0.00 uur ‘s nachts mag u niet meer eten of roken tot het onderzoek is afgelopen. U mag alleen thee zonder suiker en melk, of water drinken. Dit noemen we ‘vasten’. Tijdens het vasten kan u klachten krijgen. Deze klachten kunnen bestaan uit:

  • Zweten
  • Trillen
  • Wazig zien
  • Hongergevoel
  • Hartkloppingen
  • In de war, of traag denken
  • Soms een bewustzijnsdaling

Bij klachten moet u de verpleegkundige van de afdeling waarschuwen.

Het is belangrijk dat u tijdens het onderzoek op uw kamer blijft. Op die manier kunnen de verpleegkundige en de dokter goed op uw letten. De verpleegkundige komt u een keer in een uur beoordelen. De verpleegkundige neemt een keer in 4 uur door de naald bloed bij u af. Als u zich goed voelt, hoeft u niet in bed te blijven liggen.

Als de glucose heel laag is in uw bloed, of als u klachten heeft, dan neemt de verpleegkundige door de naald extra bloed bij u af. Ook komt de dokter u dan beoordelen, om te kijken hoe het met u gaat.

Het onderzoek kan op 3 manieren stoppen:

  • Als uw glucose onder de 2,5 mmol/L is gezakt
  • Als u ernstige klachten krijgt, zoals een bewustzijnsdaling, epileptisch insult of pijn op de borst
  • Als u na 72 uur vasten geen klachten of lage glucose heeft gehad

Als u zich na het stoppen van het onderzoek niet goed voelt, geven we u suiker (glucose) door de naald meteen in uw bloed. Als u zich na het stoppen van het onderzoek wel goed voelt, krijgt u een broodmaaltijd te eten. Ook verwijdert de verpleegkundige de naald, als u glucose weer hoog genoeg is. Als laatste komt de dokter van de afdeling u beoordelen of u weer naar huis mag.

Bijwerkingen

Door het vasten kunt u last krijgen van:

  • Zweten
  • Trillen
  • Wazig zien
  • Hongergevoel
  • Hartkloppingen
  • In de war, of traag denken
  • Soms een bewustzijnsdaling

Bij klachten moet u de verpleegkundige van de afdeling waarschuwen.

Na het onderzoek

Na het onderzoek kunt u weer normaal eten en drinken. U krijgt na het onderzoek op de verpleegafdeling een broodmaaltijd.
U mag ook uw medicijnen weer innemen.
U kunt zelf met de auto of het openbaar vervoer naar huis gaan.

De uitslag

De dokter vertelt u de uitslag van het onderzoek tijdens uw volgende afspraak.

Contact

Heeft u vragen over het onderzoek of over uw afspraak?

Dan kunt u bellen met de Polikliniek Interne Geneeskunde: 043 - 387 51 00.

Websites

MUMC+ (www.mumc.nl/)
Endocrinologie (www.endocrinologie.mumc.nl)

Laatst bijgewerkt op 16 januari 2024. Bekijk de meest actuele versie van deze folder op: info.mumc.nl/pub-1950