Mumc

Folder

Zoutinfusie copeptinetest

Een test naar de oorzaak van uitplassen van grote hoeveelheid urine

Samen met uw dokter besloot u om te testen hoe het komt dat u veel plast en dorst heeft.
Verschillende systemen in het lichaam regelen de hoeveelheid urine. Een daarvan is de hypofyse samen met de hypothalamus. De andere zijn de nieren.
De hypofyse is een klier onder de hersenen. De hypothalamus (blauwe gebied op het plaatje) stuurt de hypofyse aan. De hypothalamus maakt copeptine tegelijk (samen) met vasopressine. Dan slaat de hypofyse het copeptine en vasopressine op.

De hypofyse geeft copeptine en vasopressine af als het zout in het bloed hoog is. Bij de test doen we dit na. We geven u een infuus met zout. Daarna meten we het copeptine in uw bloed en zien we hoe uw hypofyse werkt.

De test gebeurt op de Brugpoli.

Hypofyse
Plaats van de hypofyse

Doel van de test

Het doel van de zoutinfusie copeptinetest is om te zien of uw hypothalamus genoeg copeptine, en dus ook vasopressine, maakt. Copeptine is een stofje dat laat zien hoeveel vasopressine de hypothalamus maakt. Copeptine kunnen we goed meten in het bloed. Vasopressine kunnen we niet goed meten in uw bloed. Dus bij deze test gebruiken we het stofje copeptine in uw bloed als maat voor de hoeveelheid vasopressine in uw bloed.

Vasopressine en copeptine gaan van de hypothalamus naar de hypofyse. Wanneer u dorst heeft, geeft de hypofyse vasopressine af aan het bloed. Vasopressine gaat naar de nieren. In de nieren zorgt vasopressine hoeveel vocht de nieren uitplassen. Zo houdt het lichaam de zouten en de hoeveelheid vocht in het lichaam in evenwicht. Een van die zouten in het bloed is natrium.

Hier ziet u een overzicht hoe natrium, vasopressine en het vocht in ons lichaam met elkaar te maken hebben.

overicht

 

Wanneer de hypothalamus of hypofyse niet goed werkt, heeft het lichaam te weinig vasopressine in het bloed. U gaat dan heel veel vocht uitplassen. Het natrium, een zout in uw bloed, stijgt dan. Dit geeft veel dorstklachten.

Te weinig vasopressine kan ontstaan door:

  • een ziekte van de hypothalamus
  • een ziekte van de hypofyse

Bijvoorbeeld na een operatie, ernstig ongeluk of ontsteking aan de hypothalamus of hypofyse.

Ook kan het zijn, dat het lichaam wel vasopressine maakt, maar dat het vasopressine niet goed werkt in de nieren. U heeft dan dezelfde klachten zoals dorst en veel plassen.

Veel zout in het bloed zorgt dat de hypothalamus vasopressine, en dus ook copeptine, maakt. En dat de hypofyse het vasopressine en copeptine aan het bloed geeft. Bij de zoutinfusie copeptinetest doen we dit na. We geven u een infuus met zout (zoutinfusie), waardoor het vasopressine en copeptine zouden moeten stijgen in uw bloed. Daarna meten we het copeptine in uw bloed.

Voorbereiding

  • Nuchter
    U mag op de ochtend van de test een licht ontbijt eten zonder koffie of thee. Een licht ontbijt is bijvoorbeeld één boterham of één beschuit met kaas, vleeswaren of zoet beleg.
    U mag tot 8.00 uur water drinken. Na 8.00 uur mag u niet meer eten of drinken.
  • Gebruikt u medicijnen?
    Uw dokter bespreekt met u welke medicijnen u voor de test en na de test mag gebruiken.
  • Bent u zwanger?
    Dan kunt u de test niet krijgen. Bespreek dit met uw dokter.

De test

Op de dag van de test komt u op de afgesproken tijd naar de Brugpoli van het MUMC+. U gaat naar de Brugpoli via Route 3.

  • Komt u via de parkeergarage?
    Dan gaat u door de loopbrug richting de centrale hal. Op de loopbrug neemt u de eerste gang links.
  • Komt u via de hoofdingang naar binnen?
    Dan gaat u naar de centrale hal en volgt u de borden richting de parkeergarage. Op de loopbrug gaat u naar rechts.

De verpleegkundige neemt met u een aantal gegevens door. Vóór de test gaat u naar het toilet. Dan meet de verpleegkundige uw gewicht. Tijdens de test zit u in een gemakkelijke stoel.
De verpleegkundige meet uw bloeddruk. De verpleegkundige doet een dunne naald in uw ene arm, en ook een dunne naald in uw andere arm. Deze naalden blijven 4 tot 5 uur in uw arm. Door een naald geeft de verpleegkundige het infuus met zout. Door de andere naald neemt de verpleegkundige om de 30 minuten bloed bij u af. Na de laatste bloedafname verwijdert de verpleegkundige de naald.

De test duurt ongeveer 5 uur.

Een tip: Neem iets mee van huis waarmee u zich vermaakt tijdens de test, bijvoorbeeld iets te lezen.

Afbeelding Brugpoli

Na de test

Na de test kunt u weer normaal eten en drinken. Neem daarom iets te eten mee van thuis.
U mag ook uw medicijnen weer innemen.
Wanneer u zich goed voelt, mag u naar huis.
U kunt zelf met de auto of het openbaar vervoer naar huis gaan.

Bijwerkingen

Tijdens het geven van het zoutinfuus kunt u last krijgen van:

  • dorst
  • misselijkheid
  • hoofdpijn
  • duizeligheid

De uitslag

De dokter vertelt u de uitslag van de test tijdens uw volgende afspraak.

Contact

Heeft u vragen over de test of over uw afspraak?
Dan kunt u bellen met de Brugpoli: 043 - 387 56 69.

Websites

Laatst bijgewerkt op 28 december 2023. Bekijk de meest actuele versie van deze folder op: info.mumc.nl/pub-1960