Folder
Carpale tunnel syndroom (CTS)
Zenuwgeleiding en zenuwechografie onderzoek
U krijgt een onderzoek omdat u klachten heeft die passen bij het carpale tunnelsyndroom (CTS).
Bij CTS zit er een zenuw in uw pols knel.
Het onderzoek kan uit 2 delen bestaan:
1. Elektromyografie (EMG) onderzoek: hierbij meten we hoe goed uw zenuw werkt.
2. Zenuwecho onderzoek: hierbij maken we met echo een beeld van uw zenuw.
Het onderzoek gebeurt bij de afdeling Klinische Neurofysiologie op niveau 2. Volg route G – 2 Groen (www.mumcplattegrond.nl/#map/d0_d37)
In deze folder vindt u informatie over het onderzoek.
Voorbereiding
- Zorg dat uw handen goed warm zijn door bijvoorbeeld handschoenen te dragen.
- Draag kleding waarbij we makkelijk bij uw arm kunnen.
Het onderzoek
Op de afgesproken tijd meldt u zich bij de afdeling Klinische Neurofysiologie.
De laborant legt tijdens het onderzoek uit wat er gaat gebeuren.
Als uw handen niet warm genoeg zijn, kunnen wij ze opwarmen met warm water. Koude handen kunnen de resultaten van het onderzoek namelijk beïnvloeden.
We beginnen met het EMG onderzoek. Hierbij meten we hoe uw zenuwen werken.
Na het EMG onderzoek bekijken we of er ook een zenuwecho onderzoek nodig is.
Het onderzoek duurt ongeveer 10 tot 20 minuten.
Doormeten van de zenuwen
We plakken stickers met elektroden op uw huid, op de plaats waar we uw zenuwen onderzoeken. Soms wrijft de laborant eerst met een schuurpapiertje over uw huid om beter contact te maken.
De elektroden zitten met een snoertje vast aan het EMG-apparaat.
Met lichte elektrische schokjes prikkelen wij de zenuw. Dit is niet fijn en kan soms pijnlijk aanvoelen. U merkt dat uw spieren zich kort samentrekken. Het EMG-apparaat meet hoe uw zenuwen reageren.
Het zenuwecho onderzoek
We smeren gel op uw onderarm. Met een klein staafje beweegt de laborant over uw huid. Dit staafje werkt als een soort microfoon. Het zendt geluidsgolven uit en vangt ze ook weer op. De gel is nodig voor een goede verplaatsing van de geluidsgolven.
Uw zenuw wordt op een beeldscherm zichtbaar gemaakt. De laborant maakt hierbij een paar metingen.
Na het onderzoek
Na het onderzoek haalt de laborant de elektroden en gel weg. Daarna mag u naar huis.
Uitslag
De uitslag van het onderzoek krijgt u van uw behandelend arts. Dit is de arts die het onderzoek voor u heeft aangevraagd. Heeft u nog geen afspraak? Neem dan contact op met de polikliniek van uw arts.
Contact
Heeft u na het lezen van deze informatie nog vragen? Neem dan contact op met de afdeling:
Klinische Neurofysiologie
Bereikbaar van maandag tot en met vrijdag van 8.00 tot 12.00 uur en van 13.00 tot 16.30 uur
Telefoonnummer: 043-387 72 72
E-mail: secretariaat.knf@mumc.nl
Websites
- Klinische Neurofysiologie MUMC+ (www.mumc.nl/patient-bezoeker/specialismen-afdelingen/klinische-neurofysiologie)
- MosaKids Kinderziekenhuis (mosakids.mumc.nl/zenuw-en-spieronderzoek-emg)
- MUMC+ (www.mumc.nl)
- Gezond Idee (gezondidee.mumc.nl/)