Folder

Fysiotherapeutische adviezen en oefeningen borstreconstructie

U heeft een borstreconstructie gehad. 
In deze folder leest u belangrijke leefregels en oefeningen. 
De algemene leefregels na een operatie leest u in de folder van de verpleegkundig specialist.

Leefregels

  • Begin meteen na de operatie met de ademhalingsoefeningen.
  • Moet u hoesten? Druk dan een kussen of opgerolde handdoek tegen uw buik aan. Dat maakt het hoesten minder pijnlijk.
  • U mag maximaal 1 kilo tillen. Meer niet.
  • Voorzichtig oefenen boven schouderhoogte (90 graden) mag.
  • U mag een beetje rek voelen. De oefeningen mogen geen pijn doen.
  • Ga de eerste 2 weken niet onnodig dagelijkse activiteiten boven schouderhoogte doen.
  • U mag traplopen, maar probeer dit zo min mogelijk te doen. Na een SGAP mag u pas traplopen vanaf dag 2 na de operatie.
  • Heeft u een DIEP, SHEAP, LTP of DUG gehad? Ga dan op uw rug liggen, met de knieën en heupen gebogen. Dit noemen we de kikkerhouding.
  • Vraag bij uw eerstvolgende controle of u een verwijzing kunt krijgen naar een oedeemtherapeut en/of fysiotherapeut. Dit helpt bij het herstel van uw litteken en bij oefeningen die u kunt doen.
Fysiotherapeutische adviezen:

Wat mag u weer doen na de operatie?

Vanaf 2 weken na de operatie:
  • Licht huishoudelijk werk, maar zonder kracht te gebruiken.
  • Rustig fietsen
  • Autorijden
  • Administratief werk, zoals achter de computer zitten.
  • Op uw zij slapen. Ondersteun dan wel uw borst(en) met een kussentje.
Vanaf 3 weken na de operatie:
  • Zwemmen: alleen als de wonden helemaal dicht zijn.
Vanaf 6 weken na de operatie:
  • U mag lichamelijk werk weer doen zoals u gewend was.
  • U mag sporten beetje bij beetje uitbreiden naar zoals u gewend was.
  • U mag weer slapen zoals u wilt.
Vanaf 3 maanden na de operatie:
  • Heeft u een SHEAP of DIEP gehad? Dan mag u weer rechte buikspieroefeningen doen.
Belangrijk

Voor alle leefregels geldt:

  • Luister naar uw lichaam. Stop als u pijn of klachten krijgt.

Ademhalingsoefeningen

Het kan zijn dat u na de operatie last heeft van slijm. Hierdoor heeft u risico op een longontsteking of een longembolie. Een longembolie is een bloedprop in een bloedvat van een long.
Om dit risico zo klein mogelijk te houden, is het heel belangrijk dat u ademhalingsoefeningen doet en het slijm probeert op te hoesten.

Oefening 1: Ademhaling controleren

  • Probeer rechtop te zitten.
  • Leg uw handen op uw buik. Zo voelt u dat uw buik uitzet bij een inademing.
  • Adem rustig in door de neus en uit door de mond. 

Oefening 2: diepe ademhalingsoefeningen

  • Adem langzaam zo veel mogelijk lucht in via de neus. Door langzaam in te ademen stroomt de lucht beter door naar de kleinere, diepere luchtwegen en longblaasjes.
  • Adem rustig uit via de mond. Als u wilt, kun u uw lippen tuiten.
Heeft u last van slijm?

Oefening 3: huffen
Huffen zorgt ervoor dat het slijm naar de bovenste luchtwegen gaat.

  • Probeer rechtop te zitten en leg uw handen op uw buik.
  • Adem langzaam in via de neus.
  • Adem zo krachtig mogelijk uit. Alsof uw adem een spiegel of raam beslaat. Dit noemen we huffen.

Oefening 4: hoesten

  • Adem rustig in door de neus
  • Hoest krachtig. Als het slijm na deze oefening nog niet goed is opgehoest, doet u alle oefeningen nog een keer.
Hoe vaak oefenen?
  • Begin zo snel mogelijk na de operatie met de ademhalingsoefeningen.
  • Doe ze elk uur.
  • Doe maximaal 4 tot 5 diepe ademhalingen na elkaar, anders kunt u licht in het hoofd worden.
oefeningen

Oefeningen voor nek en schouders

De volgende oefeningen helpen om uw schouders en nek soepel te houden. Ze zorgen ervoor dat het littekenweefsel niet vast gaat zitten (verkleven).
Belangrijk
Heeft u nog een drain in de schouder-borststreek? Dan mag u uw arm niet boven schouderhoogte bewegen.    

  • Oefen liever korter en vaker, dan langer achter elkaar.
  • U mag een beetje moe worden, maar de oefeningen mogen geen pijn doen.
  • Heeft u 4 weken na de operatie nog moeite met bewegen? Vertel dit dan aan de chirurg of de verpleegkundig specialist. Zij kunnen u verwijzen naar een fysiotherapeut.

 

Oefeningen

1. Onderarm naar buiten bewegen

  • Ga zitten op een stoel.
  • Houd uw elleboog tegen uw zij.
  • Draai uw onderarm naar buiten.
  • Breng de arm terug naar de beginstand
1.	Onderarm naar buiten bewegen vanuit zit
1.	Onderarm naar buiten bewegen vanuit zit

2. Arm omhoog bewegen tegen de muur

  • Ga dicht bij de muur staan.
  • Zet uw hand op schouderhoogte tegen de muur.
  • Schuif uw hand omhoog op de muur. Strek uw arm zo hoog mogelijk uit.
  • Beweeg uw arm rustig terug naar de beginstand.
  • Doe deze oefening naar voren, zoals op de foto. Maar ook naar de zijkant.

Let op:

  • Als u een drain heeft, mag u niet boven de 90 graden strekken.
De arm omhoog bewegen tegen de muur
De arm omhoog bewegen tegen de muur

3. Nek draaien

  • Ga zitten op een stoel.
  • Houd uw hoofd recht.
  • Draai met uw hoofd naar links.
  • Draai rustig terug naar de beginstand.
  • Draai nu met uw hoofd naar rechts.
  • Draai rustig terug naar de beginstand.
Draaien van de nek vanuit zit (rotatie)
Draaien van de nek vanuit zit (rotatie)

4. Nek naar voren buigen

  • Ga zitten op een stoel.
  • Houd uw hoofd recht.
  • Beweeg rustig uw kin naar de borst.
  • Beweeg rustig terug naar de beginstand.
Buigen van de nek vanuit zit
Buigen van de nek vanuit zit

5. Nek naar zijkanten buigen

  • Ga zitten op een stoel.
  • Houd uw hoofd recht.
  • Beweeg uw linkeroor naar uw linkerschouder.
  • Beweeg rustig terug naar de beginstand.
  • Beweeg uw rechteroor naar uw rechterschouder.
  • Beweeg rustig terug naar de beginstand.
Zijwaarts buigen van de nek vanuit zit
Zijwaarts buigen van de nek vanuit zit

6. Schouders optillen

  • Ga zitten op een stoel.
  • Laat uw handen ontspannen op uw bovenbenen rusten.
  • Beweeg uw schouders omhoog.
  • Laat uw schouders rustig terug zakken naar de beginstand.

 

6.	Heffen van de schouders vanuit zit (elevatie)
6.	Heffen van de schouders vanuit zit (elevatie)

7. Schouders rond draaien

  • Ga zitten op een stoel.
  • Laat uw handen ontspannen op uw bovenbenen rusten.
  • Draai uw schouders in rondjes naar voren.
  • Draai daarna rondjes naar achteren.
Rondjes draaien met de schouders vanuit zit
Rondjes draaien met de schouders vanuit zit

Contact

Heeft u na het lezen van deze folder nog vragen? Neem dan gerust contact met ons op.

Afdeling Fysiotherapie
Telefoonnummer: 043 387 59 00
E-mail: secretariaat.fysiotherapie@mumc.nl

Website

Laatst bijgewerkt op 26 januari 2026. Bekijk de meest actuele versie van deze folder op: info.mumc.nl/pub-2122