Folder

Borstvoeding bij prematuren op de afdeling Neonatologie (NICU)

Een sterke start voor de allerkleinsten

Gefeliciteerd met de geboorte van jullie zoon of dochter.
Welkom op onze afdeling Neonatologie.

In deze folder leest u praktische informatie over borstvoeding bij te vroeg geboren baby’s. Zij worden ook wel premature baby’s genoemd.
Deze informatie helpt u tijdens de opname op de afdeling.

Heeft u vragen? Stel ze gerust aan de verpleegkundige of lactatiekundige. Zij helpen u graag.

Wanneer is een baby prematuur geboren?

Een baby is te vroeg of prematuur geboren als hij of zij vóór de 37e week van de zwangerschap geboren wordt.

De rol van de lactatiekundige

Een lactatiekundige is een specialist op het gebied van borstvoeding. Deze lactatiekundige heeft hiervoor een speciale opleiding gevolgd. Zij helpt u met vragen en problemen rond borstvoeding.

Een lactatiekundige kan u helpen bij:
- informatie en advies over borstvoeding
- moeite met het aanleggen van uw baby
- als uw baby de borst niet wil
- pijn bij het voeden
- borstontstekingen (ook als dit vaker voorkomt)
- te weinig melk of als uw baby niet genoeg groeit
- een prematuur geboren baby of een laag geboortegewicht
- ziekte of een beperking bij u of uw baby
- opnieuw beginnen met borstvoeding

In het MUMC+ werkt een team van lactatiekundigen. Zij zijn aanwezig van maandag tot en met donderdag. 
U kunt hen om hulp vragen tijdens de opname.
Wilt u een lactatiekundige spreken? Geef dit door aan de verpleegkundige. Zij zijn uw eerste aanspreekpunt en helpen u verder.

Het belang van moedermelk bij premature baby’s

Moedermelk is de beste voeding voor prematuur geboren baby’s. De melk past goed bij wat uw baby nodig heeft.

Moeders die te vroeg bevallen, maken moedermelk met extra belangrijke stoffen. Deze stoffen helpen uw baby om te groeien en zich goed te ontwikkelen.

De eerste melk heet colostrum. Deze melk is extra krachtig. Colostrum bevat veel antistoffen en voedingsstoffen. Dit helpt uw baby om sterker te worden. Deze eerste melk geven we in kleine hoeveelheden via de wangzakken aan uw premature baby. 

Prematuur geboren baby’s zijn nog volop in ontwikkeling. Hun organen zijn nog niet helemaal rijp. 

Moedermelk helpt bij:
- de ontwikkeling van de darmen
- de groei van de longen
- de ontwikkeling van de hersenen

Moedermelk helpt ook bij een goede vertering. Daarnaast beschermt het tegen infecties. Dit is belangrijk, omdat uw baby hier extra gevoelig voor is.

Baby’s die moedermelk krijgen:
- hebben minder kans op medische complicaties
- herstellen vaak beter
- groeien en ontwikkelen zich vaak beter op langer termijn

Hoe werkt borstvoeding in het lichaam?

Borstvoeding wordt geregeld door hormonen in uw lichaam. 

Twee hormonen zijn hierbij van belang:
- Prolactine zorgt voor de aanmaak van moedermelk.
- Oxytocine zorgt ervoor dat de melk naar buiten komt via de tepel. Dit heet de toeschietreflex.

Als u uw baby voedt of melk afkolft, maakt uw lichaam deze hormonen extra aan. Uw lichaam krijgt zo het signaal om melk te blijven maken.
Hoe vaker u voedt of kolft, hoe meer melk uw lichaam gaat aanmaken.
Borstvoeding kan ook helpen om te ontspannen. Dit helpt om de band tussen u en uw baby te versterken.

Waarom uw premature baby nog niet meteen zelf kan drinken

Uw baby kan nog niet meteen aan de borst drinken zoals een voldragen baby. Dit komt omdat uw baby prematuur geboren is.
Om goed te drinken moet uw baby het zuigen, slikken en ademen kunnen coördineren. Deze samenwerking is bij uw baby nog niet voldoende ontwikkeld, net zoals de orale motoriek. 

Drinken kost energie voor uw baby, zowel aan de borst als via de fles. In het begin heeft uw baby deze energie nodig om belangrijke functies van het lichaam te ondersteunen. Ook de leeftijd en de medische toestand van uw baby spelen hierbij een rol.

Daarom kan uw baby voeding via een maagsonde krijgen. Dit is een dun slangetje dat via de neus naar de maag gaat. De melk komt zo direct in de maag. Uw baby hoeft hiervoor zelf geen moeite te doen. Niet alle premature baby’s hebben echter een maagsonde nodig.

Borstvoeding op de afdeling Neonatologie

De opname van uw baby op de afdeling Neonatologie kan een spannende en ingrijpende tijd zijn. U kunt zich hierdoor gespannen voelen.

Deze spanning kan invloed hebben op de aanmaak van moedermelk. Dit komt doordat stress de werking van hormonen kan verstoren die nodig zijn voor de melkproductie. Hierdoor kunt u tijdelijk wat minder melk produceren. De kwaliteit van uw moedermelk blijft wel goed.

Het is belangrijk dat u weet dat dit eventueel kan gebeuren. U staat hier niet alleen voor.
Het team van de Neonatologie begrijpt dit en helpt u graag. Samen kijken we hoe we de borstvoeding zo goed mogelijk kunnen laten verlopen.

Praktische begeleiding bij borstvoeding

1.De kangoeroe-methode of buidelen

Bij het buidelen legt de verpleegkundige uw baby op uw blote borst. Dit wordt ook wel de kangoeroe-methode genoemd.

Huid-op-huid contact:
- ondersteunt het hechtingsproces met uw baby
- geeft rust aan u en uw baby
- vermindert stress
- helpt bij de aanmaak van hormonen waardoor u sneller en meer moedermelk aanmaakt

Begin zo snel mogelijk met buidelen als de situatie van uw baby dit toelaat. 

2.Het kolven 

Begin zo snel mogelijk met kolven, liefst binnen 1 tot maximaal 6 uur na de geboorte.
We streven naar een melkproductie van 500 ml per dag, doorgaans rond dag 10.

Belangrijk: kolf minimaal 8 keer per dag.

Er zijn 2 manieren om te kolven:
- met de hand: handmatig kolven
- met een kolfapparaat: elektrisch kolven

De eerste 3 dagen gebruikt u beide manieren. Daarna gaat u meestal over op elektrisch kolven.

Handmatig kolven
- plaats duim en wijsvinger 3 tot 5 cm achter de tepel
- duw zachtjes richting de borst
- breng de vingers naar elkaar toe en laat weer los
- herhaal dit ritmisch
- scan de QR-code voor een duidelijke instructievideo
- gebruik een kom of een cupje om de melk op te vangen (in de video wordt een lepeltje gebruikt)

Instructievideo over handmatig kolven

Elektrisch kolven:
- de verpleegkundige gebruikt een hulpmiddel om de maat van uw borstschild te bepalen
- er bestaan verschillende maten borstschilden
- er zijn 2 soorten kolfprogramma’s op onze apparaten: ‘initiate’ en ‘maintain’

Hulpmiddel maatbepaling borstschild
Verschillende maten van borstschilden

In de eerste 24 uur:
- kolf 15 minuten per keer op ‘initiate’, dit programma stopt vanzelf na deze tijd
- druk voor ‘initiate’ op de linkerknop en binnen 10 seconden op de rechterknop
- het apparaat laat 1 bolletje zien, u kunt dit ophogen tot maximaal 7 bolletjes
- kijk wat aangenaam is voor u

Na de eerste 24 uur:
- kolf eerst 15 minuten op ‘initiate’ en daarna 5 minuten op ‘maintain’
- volg bovenstaande instructies voor het ‘initiate’-programma
- om hierna met het ‘maintain’-programma te kolven drukt u op de linkerknop en wacht u 10 seconden. Het apparaat laat 3 druppels zien. U kunt dit maximaal ophogen tot 5 druppels.
- verlaag de stand als het kolven pijnlijk is of vraag om hulp
- u kolft dus minimaal 20 minuten per keer na de eerste 24 uur

Het kolfapparaat op onze afdeling

Let op: het ‘maintain’-programma loopt 30 minuten in totaal.
U hoeft maar 5 minuten op dit programma te kolven na de eerste 24 uur, zoals hierboven beschreven.
Let goed op de tijd en zet het apparaat zelf na 5 minuten uit.

Er zijn verschillende momenten waarop u volledig overschakelt naar het ‘maintain’-programma:
- bij een opbrengst van 20 ml per kolfbeurt
- vanaf dag 6, ongeacht uw melkproductie
- bij zeer volle borsten
- wanneer er geen melkproductie is
- wanneer u na het gebruik van het ‘initiate’-programma nog 5 minuten nakolft op ‘maintain’ en u daarbij een productie hebt van meer dan 50 ml

In deze situaties kolft u 15 minuten in het 'maintain'- programma. Als er na deze 15 minuten nog veel melk is, kolft u wat langer.

De verpleegkundige of lactatiekundige ondersteunt u in het handmatig- en elektrisch kolven.

3.Het kolfdagboek 

Met een kolfdagboek houdt u bij:
- wanneer u kolft
- hoeveel melk u kolft per borst

Zo behoudt u een goed overzicht en kunt u uw voortgang opvolgen. U kunt dit eenvoudig bijhouden door eigen notities te maken. Schrijf ook zeker uw vragen of opmerkingen op. Deze kunt u later met het team bespreken. 

Ook online kunt u een kolfdagboek bijhouden, hiervoor bestaan verschillende apps. Via de QR-code vindt u een voorbeeld van een geschikte app.

Voorbeeld app
4.Wennen aan de borst (snuffelstage)

Voor het drinken aan de borst is het belangrijk dat uw baby de borst eerst leert kennen.
Dit heet de snuffelstage. Uw baby ruikt en voelt de borst, maar drinkt nog niet echt.
Zo went uw baby aan de borst. Dit maakt de overstap naar drinken later makkelijker.

5.Signalen van uw baby

Hongersignalen:
- zuigen op vingers of speen
- zoeken naar de borst
- huilen (dit is een laat hongersignaal)

Signalen dat uw baby genoeg heeft:
- laat de borst los
- valt in slaap

Door deze signalen te herkennen, kunt u beter inspelen op de behoeften van uw baby.
U leert deze signalen stap voor stap kennen.

6.Hulpmiddel bij voeden aan de borst: het tepelhoedje 

Soms is drinken aan de borst moeilijk voor uw baby. Dan kan een tepelhoedje helpen.

Een tepelhoedje kan gebruikt worden als uw baby:
- moeilijk aanhapt aan de borst
- de tepel niet goed vast kan houden
- snel in slaap valt tijdens het drinken

Het tepelhoedje kan helpen om beter te drinken. Zo krijgt uw baby meer melk binnen.

Tepelhoedjes zijn er in 2 maten. De verpleegkundige of lactatiekundige helpt u bij het kiezen van de juiste maat.

Twee maten tepelhoedjes
7.Wat als u te weinig moedermelk heeft?

Maak u geen zorgen als u (nog) weinig moedermelk heeft.
Samen kijken we hoe we uw melkproductie kunnen verbeteren en op peil houden.
In de tussentijd krijgt uw baby zo nodig kunstvoeding.
Sommige premature baby’s kunnen donormelk krijgen.  
Als uw baby hiervoor in aanmerking komt, geeft de verpleegkundige meer uitleg.

8.De prematuren schijf 

Uw baby leert stap voor stap drinken aan de borst. Hoe snel dit gaat, hangt af van de ontwikkeling en conditie van uw baby.

Bij premature baby’s kost dit vaak meer tijd dan bij voldragen baby’s. Het kan dus even duren voordat uw baby goed aan de borst drinkt.

Het is belangrijk om kleine stappen te nemen en het tempo van uw baby te volgen.
Soms gaat het even minder goed en neemt uw baby een stapje terug. Dat is normaal.

Dit stappenplan noemen we de prematuren schijf.

Prematuren schijf

Praktische aanpak op de afdeling

1.Kolven op de afdeling 

Op de afdeling zijn kolfapparaten aanwezig. U vindt deze ook in onze 2 borstvoedingskamers.

U kunt kolven:
- bij het bed van uw baby (trek de gordijnen dicht voor meer rust en privacy)
- in de borstvoedingskamers

Na het kolven:
- maak het kolfapparaat en de stoel schoon
- maak ook het kussen schoon als u dat heeft gebruikt
- gebruik hiervoor de ontsmettende doekjes op de afdeling
- draag hiervoor handschoenen

Heeft u praktische vragen over kolven op de afdeling? Vraag hulp aan de verpleegkundige.

Borstvoedingskamer
2.De kolfset 

U heeft elke 24 uur recht op 2 nieuwe kolfsets. Vraag uw nieuwe sets aan de verpleegkundige.

Na het kolven:
- haal de kolfsets uit elkaar
- spoel eerst met koud water
- spoel daarna met warm water
- droog alles goed af met een papieren doekje of een hydrofiele luier (hydrofiele doek)

Bewaar de kolfsets tot het volgende gebruik in een schone hydrofiele luier. Hier kunt u de onderdelen van de kolfsets in leggen. Knoop daarna de tegenoverstelde punten aan elkaar, zodat uw kolfsets droog en schoon blijven tot de volgende kolfbeurt. Hoe u dit doet, ziet u op de foto's hieronder.
Hydrofiele luiers vindt u in de linnenkast op de afdeling. 
Ontsmet eerst uw handen voordat u de kast opent.      
Neem elke keer een nieuwe hydrofiele luier wanneer u 2 nieuwe kolfsets krijgt (elke 24 uur).

Heeft u hulp nodig? Vraag gerust de verpleegkundige om hulp.

3.De flesjes om te kolven

Flesjes om te kolven kunt u tot 24 uur opnieuw gebruiken. Maak ze schoon en bewaar ze op dezelfde manier als de kolfsets.                                                                  

U kunt deze flesjes krijgen bij de verpleegkundige. Zij laten u ook zien waar u deze op de afdeling kunt vinden. 

U vraagt de nieuwe flesjes samen met de nieuwe kolfsets en hydrofiele luier. Zo is alles schoon voor de eerst volgende 24 uur.

4.Bewaren van moedermelk

Na het kolven:
- plak het etiket op het flesje waar de naam en geboortedatum van uw baby op staat
- schrijf de datum en het tijdstip van kolven op het etiket

Vraag deze etiketten aan de verpleegkundige.
Geef de melk daarna aan de verpleegkundige. Zij bewaren de melk in de koelkast.

Kolft u thuis?
Neem de melk dan mee in een koeltas met koelelementen.

Bewaarregels op de afdeling:
- moedermelk mag tot 48 uur na het kolven bewaard worden.
- als de melk na 48 uur nog niet is gebruikt, dan mag u deze meenemen naar huis om in te vriezen. 

Thuis mag u de moedermelk tot 6 maanden bewaren in een diepvries van -18°C.

Soms vraagt de verpleegkundige om ingevroren melk mee te nemen naar de afdeling.
Zet dan een duidelijke stip op de dop van het flesje.

Ingevroren moedermelk is 24 uur houdbaar nadat hij volledig is ontdooid.

Contact

Heeft u vragen na het lezen van deze folder? Neem gerust contact met de afdeling E2:

Telefoonnummer: 043-387 4205

Websites

Laatst bijgewerkt op 29 april 2026. Bekijk de meest actuele versie van deze folder op: info.mumc.nl/pub-2205