Folder

Beenslagader: bypass-operatie of trombo-endarteriectomie (TEA)

bij Perifeer Arterieel Vaatlijden (PAV): Voorbereiding, operatie en nazorg

Wanneer is een bypass of TEA nodig?

Bij u is perifeer arterieel vaatlijden (PAV) vastgesteld. Dit betekent dat de slagaders in uw benen vernauwd of afgesloten zijn. Hierdoor stroomt er minder bloed naar uw benen.

Soms is een operatie nodig om de doorbloeding van uw been te verbeteren. Dit kan een bypass-operatie of een trombo-endarteriëctomie (TEA) zijn.

Een operatie is nodig als: 

  • Dotteren niet mogelijk is of eerder mislukt is
  • De vernauwing te lang of te ingewikkeld is om te behandelen met dotteren
  • Een eerdere dotterbehandeling niet genoeg resultaat heeft gegeven. 

Uw vaatchirurg bespreekt met u welke operatie voor u het meest geschikt is.

Wat is een trombo-endarteriëctomie (TEA)?

Bij een TEA maakt de chirurg de slagader open bij een plaatselijke vernauwing of afsluiting. 
De chirurg verwijdert de ophoping van kalk en vet (plaque) aan de binnenkant van de slagader. Hierdoor kan het bloed weer beter doorstromen.

Bypass operatie stap voor stap
  • Wordt vaak uitgevoerd bij een vernauwing of afsluiting van de liesslagader.
  • Na het verwijderen van de plaque wordt de slagader gesloten met een patch (een klein lapje van de eigen ader of van kunststof). Dit helpt om een nieuwe vernauwing te voorkomen.
  • Soms wordt de behandeling gecombineerd met dotteren van andere slagaders in het been. Dit heet een hybride behandeling.
  • De operatie duurt gemiddeld 2 tot 3 uur.
  • De verdoving kan bestaan uit narcose of een ruggenprik.

Bypassoperatie


Een bypass is een omleiding om een vernauwde of afgesloten slagader heen. De vaatchirurg legt een nieuw bloedvat aan, zodat het bloed weer goed kan doorstromen. 
Dit nieuwe bloedvat vormt als het ware een nieuwe route (snelweg) om de blokkade heen.

Bypassoperatie

Welke bloedvaten kunnen worden gebruikt voor een bypass?

  • Eigen ader (vena saphena magna): de grote oppervlakkige beenader. Deze ader heeft vaak de voorkeur voor een bypass die onder de knie wordt aangesloten. Een bypass met een eigen ader blijft meestal langer open en geeft minder kans op een infectie dan een kunststof bloedvat.
  • Kunststof bloedvat (PTFE of Dacron): wordt gebruikt als een eigen ader niet geschikt of niet beschikbaar is. Dit wordt vooral gebruikt voor bypasses in de buik of het bovenbeen. Een kunststof bloedvat is minder geschikt voor een bypass onder de knie.
  • Combinatie: soms wordt een deel van een eigen ader gecombineerd met een deel van een kunststof bloedvat.

Voorbereiding op de operatie

Voor de operatie worden verschillende onderzoeken gedaan en wordt u goed voorbereid.

  • Gesprek en onderzoek bij de anesthesioloog: uw hart, longen en nieren worden gecontroleerd. Ook wordt bloedonderzoek gedaan.
  • Onderzoek van de bloedvaten: met een duplexonderzoek (echo) en/of CT-scan wordt gekeken naar de vernauwingen of afsluitingen in de bloedvaten van de benen en buik.
  • Onderzoek van de aders: met een echo wordt bekeken of uw eigen ader geschikt is om te gebruiken voor de bypass.
  • Medicijnen: sommige bloedverdunners en het medicijn metformine moeten tijdelijk worden aangepast.
  • Stoppen met roken: dit is heel belangrijk. Roken vergroot de kans dat de bypass opnieuw dichtgaat.
  • Opname in het ziekenhuis: meestal wordt u de avond vóór of op de ochtend van de operatie opgenomen.

Na de operatie

Na de operatie blijft u meestal 3 tot 7 dagen in het ziekenhuis. De duur van de opname hangt af van het type operatie en hoe het met u gaat.

  • Uw bloeddruk, hartslag en de doorbloeding van uw been worden regelmatig gecontroleerd.
  • U krijgt pijnstilling via een ruggenprik met een dun slangetje (epidurale katheter), een pijnpomp (PCA-pomp) of tabletten.
  • Het infuus en de urinekatheter worden meestal na 1 tot 2 dagen verwijderd.
  • De fysiotherapeut helpt u om na de operatie weer veilig uit bed te komen en te gaan bewegen.
  • U krijgt soms een elastische kous om zwelling van uw been te voorkomen.

 

 

Mogelijke complicaties

Kort na de operatie (binnen 30 dagen) 
  • Nabloeding: er kan een bloeding ontstaan bij de operatiewond.
  • Stolsel in de bypass of behandelde slagader (TEA): hierdoor kan de bloedtoevoer naar het been verminderen. Het been kan dan kouder of bleker worden. Soms is een nieuwe operatie nodig.
  • Wondinfectie: de wond kan rood, dik en pijnlijk worden of vocht lekken. Dit wordt behandeld met antibiotica. Soms moet de wond opnieuw worden schoongemaakt.
  • Lekkage van lymfevocht uit de lies (lymfocèle): er kan vocht uit de lymfevaten lekken en zich ophopen onder de huid.
  • Hartproblemen: zoals een hartritmestoornis of een hartinfarct.
  • Gevoelsstoornissen: een doof of gevoelloos gevoel rond het litteken. Dit herstelt meestal binnen 6 tot 12 maanden.
Op langere termijn (maanden tot jaren na de operatie)
  • Opnieuw een vernauwing (restenose) of een stolsel (trombose) in de bypass: hierdoor kunnen klachten aan het been terugkomen. Dit kan worden behandeld met dotteren, het oplossen van het stolsel met medicijnen (trombolyse) of het aanleggen van een nieuwe bypass.
  • Uitstulping bij de aansluiting van de bypass: soms ontstaat er een verwijding op de plek waar de bypass aan de eigen slagader is vastgemaakt.
  • Infectie van de bypass: dit komt weinig voor, maar kan ernstig zijn. Soms moet het kunststof bloedvat worden verwijderd.
  • Amputatie: in zeldzame gevallen kan een amputatie nodig zijn als de doorbloeding onvoldoende blijft en andere behandelingen niet meer mogelijk zijn.

Wondzorg na de operatie

  • U kunt meerdere wonden hebben, bijvoorbeeld in de lies, knieholte of het onderbeen. Soms is er ook een wond op de plek waar de ader is weggehaald.
  • De hechtingen lossen meestal vanzelf op of worden na 10 tot 14 dagen verwijderd.
  • Soms krijgt u na een liesoperatie een PICO-pleister (een speciale wondpleister met vacuüm). Deze blijft meestal 5 tot 7 dagen zitten.
  • U mag weer douchen zodra de wond droog is.
  • Bij zwelling van het been kan het nodig zijn om tot 6 weken na de operatie een elastische kous te dragen.

Wanneer neemt u meteen contact op?

Neem direct contact op met de verpleegafdeling of polikliniek bij:
  • Een verandering van de kleur of temperatuur van uw voet of been.
  • Toenemende pijn in uw been of bij de wond.
  • Een sterke zwelling van uw been.
  • Roodheid, warmte of vocht/lekkage bij de wond.
  • Koorts hoger dan 38,5 °C.

Bewegen en herstel

  • Bewegen is belangrijk om de kans op een bloedstolsel (trombose) te verkleinen. Probeer daarom zo snel mogelijk na de operatie korte stukjes te lopen.
  • Draag een elastische kous als uw been gezwollen is.
  • Probeer langdurig zitten, knielen, hurken en met de benen over elkaar zitten te vermijden.
  • Fietsen en autorijden kan meestal weer na 2 tot 3 weken, als de wonden goed genezen zijn.
  • Werken: licht werk kan vaak na 4 tot 6 weken worden hervat. Voor zwaar werk duurt het meestal 8 tot 12 weken.
  • Seksueel contact: dit kan weer zodra u zich hier lichamelijk en emotioneel klaar voor voelt.

Medicijnen na de operatie

Na de operatie krijgt u meestal medicijnen om de bypass goed open te houden en nieuwe problemen met de bloedvaten te voorkomen.

  • Bloedverdunners:
    • Ascal of Clopidogrel: deze gebruikt u meestal levenslang. Ze helpen om een stolsel in de bypass te voorkomen.
    • Acenocoumarol of Sintrom: soms krijgt u deze medicijnen na een bypass onder de knie. U wordt hierbij begeleid door de trombosedienst.
  • Cholesterolverlager (statine): deze gebruikt u meestal levenslang. Dit helpt om verdere aderverkalking te remmen.
  • Bloeddrukverlagende medicijnen: deze krijgt u als u een hoge bloeddruk heeft.

Leefregels na een bypass of TEA

  • Stop helemaal met roken. Roken is de belangrijkste oorzaak dat een bypass opnieuw kan dichtgaan.
  • Beweeg elke dag. Wandelen is een goede manier om de doorbloeding van uw benen te verbeteren.
  • Eet gezond. Kies voor weinig verzadigd vet en eet voldoende groente en fruit.
  • Houd uw bloeddruk en cholesterol onder controle.
  • Neem uw medicijnen zoals afgesproken en kom naar alle controles.

Controles na de operatie

  • Na een TEA in de lies of een bypass komt u meestal na 7 dagen terug voor een controle van de wond op de polikliniek Hart+Vaat centrum. 
    Als u een PICO-pleister heeft, wordt deze dan verwijderd.
  • Na 6 weken, 6 maanden en daarna ieder jaar wordt de bypass gecontroleerd met een duplexonderzoek (echo).
  • Bij iedere controle wordt ook de enkel-armindex gemeten. Hiermee wordt gekeken hoe goed het bloed door uw benen stroomt.
  • Krijgt u tussendoor klachten? 
    Neem dan direct contact op met de polikliniek Hart+Vaat Centrum of de verpleegafdeling.

Medicijnen

Medicijnen zijn belangrijk voor uw behandeling en herstel. Ze helpen om klachten van ziektes te verminderen of te voorkomen. Bij uw ontslag bespreekt de arts welke medicijnen u moet blijven gebruiken.

Wilt u meer weten over uw medicijnen? Kijk dan op: Apotheek MUMC+ (apotheek.mumc.nl/)  

Contact

Bij ernstige klachten (hevige buikpijn of rugpijn, bleekheid, bewusteloosheid) of een medische spoedsituatie neemt u direct contact op met de Spoedeisende Hulp of belt u 112.

Heeft u nog vragen? Neem dan contact op met:

Polikliniek Hart+Vaat Centrum
Telefoonnummer: 043 387 2727
Email: poli.hvc@mumc.nl
Vermeld bij een e-mail altijd uw voornaam, achternaam en geboortedatum

Verpleegafdeling B4 
Telefoonnummer: 043 3876429 

Websites

Laatst bijgewerkt op 22 september 2026. Bekijk de meest actuele versie van deze folder op: info.mumc.nl/pub-2240