MUC+

Patiëntinformatie

Voedselprovocatietest voor volwassenen

Voedsel

U bent mogelijk allergisch voor bepaalde voedingsmiddelen en heeft een (ernstige) allergische reactie gehad. De arts die u behandelt, heeft u voorgesteld een voedselprovocatietest te doen.

Tijdens een voedselprovocatietest kan met zekerheid worden vastgesteld of en voor welke voedingsmiddelen u allergisch bent. De voedselprovocatietest kan op twee manieren worden uitgevoerd, namelijk ‘open’ en ‘dubbelblind’.
Voor de testen wordt u één dag opgenomen op een verpleegafdeling in het ziekenhuis.

In dit blad leest u onder meer wanneer u verwacht wordt voor een voedselprovocatietest en wat deze test precies inhoudt.

Aanmelden

Nadat u bent aangemeld voor een voedselprovocatietest wordt u benaderd door een diëtiste die verbonden is aan het MUMC+. Zij vraagt u:

  • wat uw klachten zijn;
  • of en zo ja, welke medicijnen u gebruikt;
  • of u een dieet volgt;
  • wat de mogelijke effecten van voeding op u zijn, voor zover bij u bekent.


Met deze informatie kijken wij hoe de voedselprovocatietest het best bij u kan worden uitgevoerd. Eén à twee werkdagen na de provocatie bellen wij u om te bespreken of en welke reacties eventueel thuis zijn opgetreden.

Na het volledige afronden van de dubbelblinde provocatie wordt de sleutel verbroken, zodat wij kunnen zien op welke dag u wat heeft gekregen. Bij een negatieve provocatietest start u met het thuis re- introduceren van het geteste allergeen. Hiervoor neemt de diëtiste contact met u op. Twee maanden na provocatie krijgt u een afspraak op de polikliniek allergologie. U meldt zich op het afgesproken tijdstip bij de polikliniek. Neem uw actueel medicatie overzicht mee!

Voorbereiding thuis

Medicijngebruik

Bepaalde medicijnen kunnen de uitslag van de voedselprovocatie- test beïnvloeden.

U mag daarom 72 uur voorafgaand aan de test geen anti- histamine tabletten of drankjes innemen, zoals:

Aerius, Allerfre, Atarax, Cetirizine, Claritine, Desloratidine, Ebastine, Fenistil, Fexofenadine, Hydroxyzine, Incidal. Kestine, Ketotifen, Levocetirizine, Loratidine, Mebhydroline, Mizollen, Periactin, Polaramine, Promethazine, Ranitidine, Reactine, Revalintabs, Semprex, Tavegil, Telfast, Terfenadine, Tinset, Triludan, Xyzal, Zaditen, Zantac.

Medicijnen

24 uur voorafgaand aan de test mag u geen long verruimende medicijnen innemen, zoals:

Bricany retard, Foradil, Formoterol, Oxis, Seretide, Symbicort, Serevent, Theolin retard, Singulair, Spiriva.

U mag tenminste acht uur vòòr de provocatietest geen kortwerkende long verruimende medicatie inhaleren, zoals:

Aerolin, Atrovent, Berodual, Berotec, Bricanyl, Dracanyl, Lomudal, Salbutamol, Tilade, Ventolin.

Voedingsmiddelen

Bepaalde voeding waar sporen van ‘het te testen voedingsmiddel’ inzitten, kan de uitslag van de voedselprovocatietest beïnvloeden. Wilt u daarom op de dag voorafgaande aan de test en op de ochtend van de test niets eten waar sporen van het te testen voedingsmiddel in kan zitten. De diëtiste heeft u over dit sporenvrije dieet uitleg gegeven.

Eten en drinken op de dag van de voedselprovocatietest

Tot twee uur voor uw afspraak mag u een licht ontbijt eten. Dit is ongeveer de helft van wat u normaal eet. U mag hierbij thee en koffie eventueel met melk en suiker, water en vruchtensap drinken. Tijdens de voedselprovocatietest mag u alleen water, koffie en thee (eventueel met suiker, maar zonder melk) drinken.

Wat neemt u mee?

Omdat u tijdens de voedselprovocatietest langere tijd moet wachten, raden wij u aan iets mee te nemen om ‘de tijd te doden’. Ook kan het prettig zijn iets te eten bij u te hebben voor na de voedselprovocatietest.

Muffins

De voedselprovocatietest

De voedselprovocatietest kan op twee manieren worden uitgevoerd namelijk ‘open’ of ‘dubbelblind’. Uw behandelend arts bekijkt, afhankelijk van uw situatie hoe de test uitgevoerd gaat worden. Het doel van de test is zo duidelijk en helder mogelijk in beeld te brengen welke voedingsmiddelen u zonder problemen kunt innemen en welke niet.

‘Open voedselprovocatietest’

De ‘open voedselprovocatietest’ volstaat bij het testen van veel voedingsmiddelen. Tijdens deze test, die één ochtend kan duren, krijgt u een kleine hoeveelheid voedingsmiddel, dat veilig voor u is. Daarna krijgt u op vaste tijden geleidelijk meer van het voedingsmiddel. Iedere keer wordt nauwkeurig bekeken of er iets gebeurt.

‘Dubbelblinde placebo gecontroleerde provocatietest’

Om de meeste zekerheid te krijgen of een voedingsmiddel de klachten veroorzaakt, kan het best de zogenaamde ‘dubbelblinde placebo gecontroleerde provocatietest’ worden uitgevoerd.
Tijdens deze test, die twee volle ochtenden kan duren, krijgt u voeding waar u (op het oog) tegen kunt. In deze voeding zit op één van beide dagen het voedingsmiddel verborgen waarvan wij denken dat u klachten kunt krijgen.
We noemen dit het ‘verdachte’ voedingsmiddel. Op de andere dag van de test zit het verdachte voedingsmiddel niet in de voeding.
Op het moment van de test weet niemand, die bij het testen betrokken is, op welke dag het verdachte voedingsmiddel gegeven wordt. Zowel de patiënt als de functieassistente is als het ware ‘blind’ voor de gegeven voeding, vandaar de naam ‘dubbelblind’ onderzoek. Voordeel van deze werkwijze is, dat zonder vooroordeel gekeken wordt wat er gebeurd.
Dit levert de meest betrouwbare resultaten op.

Risico’s

De voedselprovocatietest geeft onder andere informatie over welke voedingsmiddelen een allergische reactie bij u kunnen veroorzaken. Dit betekent dat als u een voedselallergie heeft, u tijdens de voedselprovocatie klachten krijgt.
Hoewel de speciale voeding zodanig is samengesteld dat een eventueel optredende voedsel allergische reactie bij u erg klein zal zijn, kan het gebeuren dat u toch heftig reageert op de voeding.
Om die reden vindt de voedselprovocatietest plaats in het ziekenhuis in een speciaal daarvoor ingerichte ruimte.
Verder is de voedselprovocatietest een tijdrovend onderzoek. Per voedingsmiddel wordt er één of twee keer een deel van de dag onderzoek gedaan.


 

Het grootste voordeel van de voedselprovocatietest is dat het de enige en meest betrouwbare manier is om vast te stellen welke rol voedingsmiddelen bij uw klachten spelen. Andere voordelen zijn:

  • Als is vastgesteld welke voedingsmiddelen bij u de klachten veroorzaken, kan hier bij het samenstellen van uw dieet rekening mee worden gehouden.
  • Bij het optreden van een voedsel allergische reactie leert u welke hoeveelheid voeding de klachten veroorzaakt en na hoeveel tijd de klachten optreden, met andere woorden u leert over uw voedselallergie.
  • Een optredend voedsel allergische reactie motiveert u de dieetadviezen goed op te volgen.

Na de voedselprovocatietest

Na de voedselprovocatietest mag u weer eten en drinken zoals u gewend bent. Houdt u zich wel aan uw dieet, ook al is er tijdens de voedselprovocatietest geen reactie opgetreden. Pas na overleg met uw behandelend arts en/of diëtiste kunt u eventuele dieetwijzigingen doorvoeren.

Contact

Als u na het lezen van dit blad nog vragen heeft, kunt u contact opnemen met één van de medewerkers van het team Allergologie

Polikliniek Interne Geneeskunde 043-387 51 00
E-mail: immunologen.internegeneeskunde@mumc.nl

Website

Laatst bijgewerkt op 10 februari 2021