Folder

Myotone dystrofie: informatie voor familie

Familie van u heeft de ziekte myotone dystrofie. 
Daarom krijgt u deze folder met informatie over deze ziekte en wat dit voor u betekent.

Myotone dystrofie

Myotone dystrofie type 1 heet ook wel de ziekte van Steinert. 
Het is een zeldzame erfelijke ziekte. Ongeveer 1 op de 8000 mensen heeft deze ziekte. 

De klachten van deze ziekte zijn:

  • De spieren ontspannen trager. Dit heet myotonie.
  • De spieren worden langzaam steeds zwakker. Dit heet dystrofie.
  • Klachten van hart, longen en darmen.
  • Oogklachten (staar).
  • Weinig fut hebben en meer slaap nodig hebben.
  • Bij kinderen kunnen problemen met het leren en het gedrag ontstaan.

Belangrijk om te weten

Hartproblemen

Veel mensen met myotone dystrofie krijgen hartproblemen, maar weinig mensen merken dit zelf. 
Er zijn mensen die door deze hartproblemen overlijden. 
Dit kunnen we soms voorkomen. 
Daarom krijgt u de volgende controles van het hart:

  • ieder jaar een hartfilmpje (ECG)
  • minimaal 1 keer per 3  jaar een echo en een 24-uurs hartfilmpje (holter)
Narcose

Bij een operatie krijgen mensen vaak een narcose. 
Sommige medicijnen bij een narcose kunnen bij mensen met myotone dystrofie problemen geven, zelfs als iemand nog geen klachten van de ziekte heeft. 
Vertel daarom aan de arts die de narcose geeft dat u of familie van u deze ziekte heeft. 
Dan kan hij of zij zijn zorg aanpassen. 

De arts die de narcose geeft heet een anesthesist.

Ná een operatie met narcose blijven mensen met myotone dystrofie minstens 24 uur in het ziekenhuis. 
We bewaken dan het hart en longen. 
Ook ondersteunen we het ademen en hoesten als dat nodig is. 

Na een zware operatie of bij ernstige spierzwakte bewaken we het hart en de longen minimaal 48 uur.

Staar

Staar is een vertroebeling van de ooglens. Het komt vaak voor bij myotone dystrofie en kan soms de eerste klacht zijn van de ziekte. 
Staar kan leiden tot wazig zien. Ook kan fel licht een probleem geven met zien, bijvoorbeeld het licht van de koplampen van een andere auto bij het rijden in het donker. 

De oogarts kan staar opereren met een plaatselijke verdoving.

Erfelijkheid en kinderwens

Iemand met myotone dystrofie heeft 50% kans dat zijn of haar kind de ziekte ook heeft.
Helaas zijn de klachten van de ziekte bij de kinderen vaak erger dan bij de ouders. 

Heeft u een kinderwens? Overleg dan eerst met uw arts en de klinisch geneticus. Zij geven adviezen over de zwangerschap. 
Er zijn mogelijkheden om te voorkomen dat u een kind krijgt met myotone dystrofie.

Onderzoek naar erfelijkheid

Omdat u familie heeft met myotone dystrofie, is er een kans dat u ook het gen heeft voor myotone dystrofie. 
Daarom kunt u DNA-onderzoek krijgen om te kijken of u het gen heeft. 

DNA- onderzoek is belangrijk:

  • Voor uw eigen gezondheid, bijvoorbeeld problemen bij narcose, problemen van hart en ogen.
  • Voor de gezondheid van uw kinderen.
    Mensen met het gen voor myotone dystrofie hebben 50% kans op een kind met deze ziekte. 
    Ook als u zelf geen kinderen meer krijgt, kan dit onderzoek belangrijk zijn voor andere mensen in uw familie en hun kinderen. 

Meer informatie

Wilt u meer informatie? 
Bel of mail dan met de polikliniek Klinische Genetica of met het Myotone Dystrofie Expertisecentrum in Maastricht. 

Meer informatie over myotone dystrofie staat ook op de website spierziektencentrum.nl of op de website mdexpertisecentrum.nl

Uw arts kan alle adviezen lezen in de richtlijn ‘Behandeling en Begeleiding van volwassenen met Myotone Dystrofie type I (DM1)’.
Deze richtlijn staat op de website richtlijnendatabase.nl

Patiënten kunnen lid, abonnee of volger worden van de patiëntenvereniging “Spierziekten Nederland”. Een lid kan naar bijeenkomsten voor mensen met myotone dystrofie. 
Wilt u lid worden? Aanmelden kan via de website spierziekten.nl 

Contact

Heeft u na het lezen van deze folder nog vragen? Bespreek deze dan met uw arts. 
U kunt ook bellen naar: 

Polikliniek neurologie  
Telefoonnummer: 043 - 387 65 00  

Websites

Laatst bijgewerkt op 10 december 2025. Bekijk de meest actuele versie van deze folder op: info.mumc.nl/pub-923