MUMC+ getekend

Folder

Hematologie: Behandeling met CAR-T cellen

Behandeling met Chimere Antigeen Receptor T-Cel

Wat kunt u verwachten?

In overleg met uw arts is ervoor gekozen om uw ziekte te behandelen met eigen T-cellen waar een antigen aan toegevoegd is. Dat heet een Chimere Antigeen Receptor T-cel, ofwel CAR-T cel behandeling. Uw behandelaar bespreekt uw persoonlijk behandelplan met u.

In deze folder krijgt u algemene informatie over een behandeling met CAR-T cellen. Lees deze informatie goed door. Als u daarna nog vragen heeft, stel ze dan gerust aan uw behandelteam.

Wat is een CAR-T cel therapie?

T-cellen zijn witte bloedcellen die door bacteriën en virussen beschadigde cellen kunnen aanvallen en opruimen. T-cellen kunnen ook kankercellen aanvallen, maar zijn soms niet specifiek genoeg om hun werk te kunnen uitvoeren. Door uw eigen T-cellen te bewerken zijn deze in staat om de kankercellen in uw lichaam te herkennen. Er wordt een stukje CAR-gen toegevoegd aan de T-cel. De CAR -T- cellen zijn op deze manier in staat om de kankercellen aan te vallen.

De behandeling bestaat uit één infusie met voorafgaand 3 dagen een 'lage dosis' chemotherapie. Voordat de infusie plaatsvindt, nemen we enkele weken vooraf een deel van de T-cellen bij u af. De T-cellen kunnen uit uw bloed worden gefilterd, dit noemen we leukaferese.

We sturen uw T-cellen op naar een extern laboratorium waar de cellen worden bewerkt naar CAR T-cellen. Dit duurt een paar weken.  Uw arts houdt u in de tussentijd in de gaten. Als de CAR T-cellen klaar zijn wordt u opgenomen op onze afdeling Hematologie, A5.

Waarom een CAR-T cel therapie?

U heeft een agressieve vorm van kanker waarvoor u eerder bent behandeld. U kiest daarom met uw behandeld arts voor CAR-T cel therapie. De behandeling met CAR-T cellen is gericht op genezing van de kanker (curatief). Het doel van de behandeling is met u besproken.  In de regio Zuidoost Nederland voert alleen het Maastricht UMC+ (MUMC+) deze behandeling uit.
Kwaadaardige ziekten waarbij deze behandeling wordt toegepast zijn:

  • non-hodgkin lymfoom: diffuus grootcellig B-cellymfoom

Daarnaast wordt deze behandeling soms gebruikt bij patiënten met een andere vorm van kanker. De behandeling voor andere ziektes wordt nog niet in het Maastricht UMC+ uitgevoerd.

Geïnformeerde toestemming geven voor uw behandeling

Een behandeling kan pas gebeuren als u hiervoor toestemming geeft. Een behandeling met CAR-T cellen is een zware behandeling waarmee u heel duidelijk akkoord moet gaan. U krijgt eerst informatie over de behandeling en bespreekt dit met uw arts. Als alles duidelijk is en uw vragen zijn beantwoord, dan vragen we uw toestemming.
Wij gebruiken hiervoor een formulier dat u moet ondertekenen. Daarmee geeft u aan dat u tevreden bent over de informatie die u kreeg over uw medische behandeling. Dit wordt ook wel geïnformeerde toestemming genoemd (informed consent).

Ook willen we de behandeling voor toekomstige patiënten verbeteren. Daarom verzamelen we verschillende gegevens van de behandeling, zoals bijvoorbeeld het ziektebeeld. De gegevens van de ziekenhuizen in heel Europa worden opgeslagen in een veilige database. Deze gegevens zijn dan niet meer naar u terug te brengen. Deze gegevens worden alleen gebruikt om de patiëntenzorg en de behandeling te verbeteren. Na ondertekening van het formulier geeft u toestemming voor het verwerken van deze gegevens. Hierbij volgen we de Europese Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG). 

Toestemmingsformulier voor behandeling en delen van data

Voorbereiding van uw behandeling

Voor de behandeling met CAR-T cellen zijn een paar voorbereidende onderzoeken nodig. Ook moeten de T-cellen verzameld worden uit uw bloed.  

Medische onderzoeken
Voordat we starten met de behandeling onderzoeken we of u geen andere medische problemen heeft die invloed kunnen hebben op de uitkomst van de behandeling. Deze onderzoeken vinden plaats voordat uw T-cellen worden afgenomen.

De behandelend arts besluit welke onderzoeken er moeten worden uitgevoerd. Deze onderzoeken kunnen uitwijzen dat u nog gezien moet worden door andere artsen (zoals een long- of hartspecialist). Soms moeten we de CAR T-celtherapie uitstellen. We willen er namelijk zeker van zijn dat u in een relatief goede conditie de behandeling krijgt. Uw behandelend arts bespreekt met u of u een overbruggingstherapie nodig heeft om de ziekte onder controle te houden.

Afname T-cellen
Tijdens de voorbereiding op de CAR-T celtherapie plannen we een datum voor de afname van de T-cellen op de dialyse afdeling. 

Als uw bloedvaten het toelaten, wordt voor het afnemen van T-cellen in de elleboogplooi van de ene arm een naald ingebracht om het bloed te onttrekken. In de andere arm wordt een naald geplaatst om het verwerkte bloed terug te geven. Mochten uw vaten in beide armen niet geschikt zijn om met voldoende snelheid bloed te onttrekken, dan is het noodzakelijk om een katheter te plaatsen in een groot bloedvat. Dit wordt een centraal veneuze katheter genoemd. De katheter wordt geplaatst in de halsader (vena jugularis) en wordt daarom ook “jugularis katheter” genoemd. De katheter heeft twee openingen, één voor de afname van de T-cellen en één voor het teruggeven van het resterende bloed. De katheter blijft tot na de CAR T Cel- therapie zitten. Zie: patiënten informatie folder ’Centraal veneuze jugularis katheter bij hematologiepatiënten’. (info.mumc.nl/pub-672)

Leukaferese machine

Bij de afname (aferese) nemen we met een zogenaamde leukaferesemachine T-cellen bij u af.  Uw bloed gaat in kleine hoeveelheden door het aferese- apparaat. Door te centrifugeren haalt de machine de T-cellen uit uw bloed. Dit duurt 3 tot 5 uur. Dit hangt af van de snelheid van afname. 

De afname is over het algemeen weinig belastend.  De meest voorkomende bijwerking is een tintelend gevoel rond de mond en vingertoppen. Dit ontstaat doordat tijdens de aferese een middel aan het afgenomen bloed wordt toegevoegd dat voorkomt dat het bloed in de machine gaat stollen. Om deze klacht te verminderen wordt continue een lage dosering calcium toegediend. Als vóór de start van de aferese bepaalde bloedwaarden al laag waren, kan na de afname een transfusie van bloedplaatjes of rode bloedcellen volgen.

Van T-cel naar CAR-T cel
Ons stamcellaboratorium stuurt uw T-cellen met een koerier naar een extern laboratorium. In dit laboratorium wordt een stukje CAR gen in het DNA van de T-cel gebracht. Hierdoor krijgt de T-cel een soort ‘antenne' om de kankercellen te herkennen. De CAR T-cellen delen.

Als er genoeg CAR T-cellen zijn, worden de cellen uitgebreid getest. Dit duurt gemiddeld 4 weken. Als het laboratorium de cellen goedkeurt, worden ze teruggestuurd naar het Maastricht UMC+.

Opname in het ziekenhuis

U wordt opgenomen op verpleegafdeling A5 (info.mumc.nl/pub-1495) in het Maastricht UMC+.  Op dag van opname wordt er bloed afgenomen en krijgt u de intake van de arts. Er mag gestart worden met de chemotherapie en de CAR-T cel infusie als uw conditie goed is en er geen aanwijzingen zijn voor een snelle groei van de ziekte.

De opname bestaat uit de volgende fasen: voorbehandeling, CAR-T cel infusie en het herstel.

Voorbehandeling (conditionering)
Het eerste gedeelte van de behandeling is drie dagen chemotherapie. De chemotherapie bestaat uit Cyclofosfamide en Fludarabine. De kuur wordt gestart op de dag na opname. De chemotherapie wordt gegeven via de centrale lijn in de hals (de jugularislijn). De infuuslijn blijft aangesloten tot ná de CAR-T infusie. De chemotherapie loopt vrij snel in, maximaal een uur voor iedere soort. Tussendoor krijgt u medicijnen via het infuus en wordt de lijn doorgespoeld met een zoutoplossing. Op de dagen voor de CAR-T infusie krijgt u alleen hydratie via het infuus met een zoutoplossing. Deze hydratie is voor de bescherming van de nieren. De nieren kunnen lijden onder de afvalstoffen die vrijkomen bij het opruimen van tumorcellen.

Door de chemotherapie gaan de rode bloedcellen, witte bloedcellen en bloedplaatjes zakken. U kunt ook bijwerkingen van de chemotherapie ervaren. Veel voorkomende bijwerkingen van de voorbehandeling zijn:

  • misselijkheid
  • braken
  • vermoeidheid
  • verminderde eetlust
  • diarree of verstopping
  • ontsteking van de slijmvliezen
Fase 4: De transplantatie
Zakje met CAR-T cellen

CAR-T cel infusie 
Na de chemotherapie worden de CAR-T cellen gegeven. De CAR-T cellen worden bevroren bewaard. Om te voorkomen dat de cellen kapot vriezen, wordt er een bewaarmiddel toegevoegd aan het zakje. Dit bewaarmiddel blijft in dit zakje zitten en wordt mee toegediend als de cellen inlopen. Op dit middel kunnen mensen een allergische reactie krijgen. Daarom krijgt u medicatie om de allergische reactie te voorkomen. De infusie van de CAR-T cellen wordt gedaan door de zaalarts samen met de verpleegkundige van de afdeling. Tijdens de infusie mag er een familielid op de kamer erbij zijn. Na de infusie blijft het infuus drie dagen aangesloten. U krijgt dan hydratie met een zoutoplossing om het bewaarmiddel uit het lichaam te spoelen. Wanneer u voldoende zelf kan drinken, kan het infuus afgekoppeld worden.

Meestal verloopt de infusie zonder complicaties. Door het bewaarmiddel waarin de CAR-T cellen worden ingevroren, is er een kans op een allergische reactie. Bijvoorbeeld misselijkheid, braken of benauwdheid. We houden u daarom goed in de gaten. U krijgt voor de infusie via het infuus medicijnen die de kans op een allergische reactie verminderen.

In de eerste fase na de infusie is het belangrijk om een aantal bijwerkingen in de gaten te houden. Zo worden er verschillende controles gedaan. In de week na de infusie wordt er elke dag uitgebreid bloedonderzoek uitgevoerd. Er wordt gecontroleerd op de algemene bloedwaarden, de nierfunctie en de leverfunctie. In de periode na de eerste week kan het zijn dat het bloed om de dag gecontroleerd wordt. Dit hangt af van de uitslagen. 

CRS 
Een bijwerking die kan optreden is het CRS: Cytokine Release Syndrome. Cytokines zijn stoffen die een rol spelen in het afweersysteem. Bij deze behandeling kan het gebeuren dat er veel van deze stoffen vrijkomen. Als er veel van deze stoffen vrijkomen, kunt u daar last van krijgen. Het vrijkomen van deze stoffen kan gebeuren in de eerste 21 dagen na de infusie. De klachten (symptomen) die kunnen optreden bij het CRS zijn:

  • Koorts
  • Koude rillingen
  • Spierpijn
  • Hoofdpijn
  • Vermoeidheid
  • Benauwdheid
  • Verhoogde ademhaling
  • Verhoogde hartslag

Om te controleren of u CRS heeft, meten wij vanaf de dag vóór de CAR-T cel infusie tot het einde van de opname 4 keer per dag de vitale functies. Dit zijn de bloeddruk, hartslag, temperatuur, ademhaling en het zuurstofgehalte. Als de waarden veranderen zal de verpleegkundige dit samen met de hematoloog bespreken en wordt u wanneer nodig hiervoor behandeld.

ICANS
Naast CRS kan het ook gebeuren dat u neurologische bijwerkingen krijgt. Dit zijn bijwerkingen die zich laten zien vanuit de hersenen. Deze bijwerking noemen wij ICANS: Immune Effector Cell-Associated Neurotoxicity Syndrome. Deze bijwerking treedt meestal binnen een week tot 8 weken na infusie op. De klachten (symptomen) bij deze bijwerking zijn een verminderd bewustzijn, verminderde kracht en/of een vorm van epileptische activiteit. In de milde vorm van epileptische activiteit krijgt u trillende handen. Bij een ernstige vorm treden er trekkingen op in het hele lichaam. Om te kunnen vaststellen dat u deze bijwerking heeft, voeren wij vanaf de dag vóór de CAR-T cel infusie tot het einde van de opname 4 keer per dag controles uit. U moet dan verschillende opdrachten uitvoeren:

  • Oriëntatie: u wordt gevraagd om 4 zaken te noemen, zoals plaats, jaar, maand etc.
  • Benoemen: u moet 3 dingen benoemen die aangewezen worden.
  • Makkelijke opdracht uitvoeren
  • Schrijven
  • Aandacht: tel met stappen van 10 terug vanaf 100

Als u al deze opdrachten zonder problemen kunt uitvoeren dan is er geen ICANS; geen neurologische bijwerking. Als er dingen veranderen zal de verpleegkundige dit samen met de hematoloog bespreken en wordt u wanneer nodig hiervoor behandeld.

Herstel
Na deze behandeling bent u meer gevoelig voor verschillende infecties. Om deze reden krijgt u twee medicijnen. Deze moeten u beschermen tegen sommige bacteriën en virussen die u ziek kunnen maken. Vanaf de dag van de CAR-T cel infusie krijgt u het middel Valaciclovir. Dit middel krijgt u in tabletvorm en beschermt tegen virusinfecties. Als uw bloedwaarden voldoende hersteld zijn krijgt u het antibioticum Co-trimaxozol. Ook dit medicijn krijgt u in tabletvorm. U krijgt dit middel samen met de Valaciclovir tot minimaal 1 jaar na de CAR-T infusie. 

We houden een strenge monitoring tot 28 dagen na de infusie. Het is gebleken dat de bijwerkingen die hierboven uitgelegd staan, het vaakst optreden binnen deze periode. Op een aantal voorwaarden kunt u uit het ziekenhuis ontslagen worden 14 dagen na de CAR-T cel infusie. U mag naar huis na 2 weken wanneer u geen koorts heeft en er geen aanwijzingen zijn voor de neurologische bijwerking (ICANS). Ook moet u zelf letten op de bijwerkingen. U moet dient minimaal één keer per dag de temperatuur te meten. Daarnaast is het verstandig om de neurologische opdrachten één keer per dag uit te voeren. U moet tot 4 weken (28 dagen) na de CAR-T infusie binnen 2 uur reisafstand blijven van het Maastricht UMC+ en moet er 24/7 een mantelzorger thuis bij u zijn. In de periode van ontslag tot en met week 4 moet u tweemaal per week naar het ziekenhuis komen voor controle. Als u na ontslag toch een van de bijwerkingen krijgt, moet u direct contact opnemen met Maastricht UMC+ en is opname noodzakelijk.

Balie poli Oncologie
poli oncologie

Nazorg

Een behandeling met CAR-T cellen heeft een lang nazorgtraject. Zeker in het begin komt u regelmatig voor controle op de poli Oncologie. (oncologie.mumc.nl/)  Bij ontslag krijgt u een ontslaggesprek met de verpleegkundige van de afdeling. In dit gesprek legt hij of zij uit waar u thuis op moet letten en krijgt u leefregels mee voor voeding, hygiëne en contact met anderen. U krijgt dan de telefoonnummers welke u kunt bellen bij klachten en/of bijwerkingen. Bij twijfel, neemt u dan altijd contact op met Maastricht UMC+. 

Na uw ontslag uit het ziekenhuis bent u nog niet de oude. Het herstel gaat misschien langzamer dan u had verwacht. Dat is niet ongewoon.

Veel voorkomende klachten in de eerste maanden zijn:

  • vermoeidheid (info.mumc.nl/pub-202)
  • verminderde concentratie
  • verkoudheden.

Controles op de polikliniek
In de eerste maanden na de CAR-T cel therapie is de aandacht vooral gericht op het herstel van uw afweersysteem en controle op eventuele terugkeer van ziekte. Bij elke controle zal de arts kijken naar mogelijke klachten. Er wordt een bloedonderzoek gedaan om te controleren of uw beenmerg voldoende rode bloedcellen, witte bloedcellen en bloedplaatjes aanmaken. Soms is een transfusie met rode bloedcellen of bloedplaatjes nodig.

MUMC+

Contact

Wij realiseren ons dat u een ingrijpende behandeling ondergaat. Als behandelteam hopen wij dat we u zo goed mogelijk kunnen ondersteunen, informeren en verzorgen. Heeft u na het lezen van deze informatie nog vragen? Stel ze dan aan uw behandelteam.                   

Onze contactgegevens zijn:

Werkdagen (8.30-17.00 uur)
Poli Oncologie: telefoonnummer 043-387 64 00
Stamceltransplantatie/CAR-T cel therapie coördinatoren: telefoonnummer 043-387 50 09
Dagcentrum Interne Ziekten: telefoonnummer 043-387 42 50

Avond-, nachturen, weekenden en feestdagen
Verpleegafdeling A5 Hematologie & Oncologie: telefoonnummer 043-387 65 10 of 043-387 45 10

Websites

Op deze websites vindt u nog meer informatie:

Laatst bijgewerkt op 17 januari 2023. Bekijk de meest actuele versie van deze folder op: info.mumc.nl/pub-1811