De bevalling
Over een tijd bevalt u in ons ziekenhuis.
Deze folder geeft u informatie over de bevalling in het MUMC+
Controles in de zwangerschap
Uw controles zijn op de polikliniek Gynaecologie.
Volg de blauwe route 7 naar niveau 1 (www.mumcplattegrond.nl/#map/d0_d120).
De afdeling verloskunde (VeD2)
De afdeling verloskunde heeft een verpleegafdeling en verloskamers.
Op de verpleegafdeling liggen zwangere vrouwen, kraamvrouwen, gezonde en zieke baby's.
Op de verloskamers zijn de bevallingen.
Volg de blauwe route D naar niveau 2 (www.mumcplattegrond.nl/#map/d0_d75).
Bezoek
Verloskamers
Op de verloskamers zijn er geen vaste regels voor bezoek.
Tijdens de bevalling mag uw partner de hele tijd bij u zijn. Als u dit wilt, mag er ook nog 1 andere persoon bij de bevalling zijn.
Soms mag ander bezoek, na overleg met de verpleging, ook naar u toe komen. Dit bezoek kan zich aan de ingang van de afdeling melden via de intercom. Dit hangt af van uw wens en van de medische situatie op dat moment. Om privacy te waarborgen voor alle mensen op de verloskamers zal dit beperkt zijn.
Is uw baby geboren?
Dan zijn uw familie en vrienden, in overleg met de verpleging, welkom op de verloskamers of kraamafdeling. Natuurlijk alleen als u dit wilt en als het goed gaat met u en de baby.
Verpleegafdeling
Tussen 15.00 en 20.00 uur is bezoek mogelijk op de verpleegafdeling. Uw partner is tot 22.00 uur welkom. Tijdens de zwangerschap kan uw partner in principe niet blijven overnachten. In rustige periodes of bij bijzondere situaties kan hier soms een uitzondering op worden gemaakt. Houd er rekening mee dat bij onverwachte drukte alsnog gevraagd kan worden om naar huis te gaan, ook ’s nachts.
Na de bevalling mag uw partner altijd blijven overnachten.
Wanneer belt u ons?
Het is belangrijk dat u ons belt als u:
- iedere 5 minuten voor 1 uur lang weeën ervaart
- vaginaal vochtverlies heeft
- vaginaal bloedverlies heeft
- de bewegingen van uw baby minder goed voelt of niet meer voelt
- ongerust bent
Ons telefoonnummer is 043-3876240. U belt dan direct naar de verloskamers.
U kunt ook het algemene nummer van het ziekenhuis bellen: 043-3876543. Dan verbinden zij u weer door naar de verloskamers.
Wat neemt u mee naar het ziekenhuis
- de verloskundige kaart, als u die heeft
- kleding en verzorgingsspullen voor uzelf en partner
- tussendoortjes en een waterfles
- 2-3 setjes kleertjes voor de baby, maat 50 of 56 met lange mouwen. De maat ligt aan de duur van de zwangerschap en het verwachte gewicht van de baby
- omslagdoek en mutsje
- een Maxi-Cosi om uw baby veilig mee naar huis te nemen
- bij flesvoeding eigen fles met speen
Bevalling
Was u vóór uw bevalling onder controle in het ziekenhuis? Dan doet 1 van de volgende zorgverleners uw bevalling:
- de gynaecoloog in opleiding
- de klinisch verloskundige
- de gynaecoloog
Als u in het ziekenhuis komt voor de bevalling, dan maakt de verpleegkundige eerst een CTG. Op het CTG zijn de harttonen van de baby en de activiteit van de weeën te zien. Ook doen we controles, zoals uw bloeddruk en de temperatuur meten. Ook stellen we u een aantal vragen. Daarna komt de klinisch verloskundige of de arts bij u.
De bevalling is op de verloskamer. Dit kan een verloskamer zijn met een eigen badkamer met douche of een verloskamer met zelfs een bad. Hier hebben we er 2 van. Helaas zijn deze niet van tevoren te reserveren.
Na de bevalling kijken we samen wanneer u naar huis kunt. Dit hangt af van een paar dingen, zoals hoe de bevalling is gegaan en hoe het met u en uw baby gaat. Soms moet u nog 24 uur in het ziekenhuis blijven. Bijvoorbeeld als de vliezen langer dan 24 uur gebroken waren of als we de bloedsuiker van de baby moeten controleren. Als alles soepel verloopt kan dit ook al na 4 uur zijn zowel 's nachts als overdag.
In het MUMC+ geven we ook onderwijs aan studenten geneeskunde, verpleegkunde en verloskunde. Dit is noodzakelijk voor hun leerproces. Dit betekent dat er een student aanwezig kan zijn bij uw bevalling en u kan ondersteunen tijdens dit proces. Wilt u dit liever niet? Vertel het dan aan ons.
Eten en overnachten van uw partner
Eten
Tijdens uw verblijf op de verloskamers of de verpleegafdeling krijgt u eten en drinken. Drie keer per dag komt er iemand langs met drinken en een kleine snack. In de koffieruimte staat een apparaat waar u en uw partner zelf koffie, thee of koud water kunnen pakken.
Uw partner krijgt bij een overnachting de mogelijkheid om een gratis ontbijt te bestellen. Voor de rest van de dag moet uw partner zelf voor eten zorgen. Er is een restaurant waar hij of zij iets kan halen. Buiten de openingstijden kan uw partner eten kopen uit een automaat met warme of koude maaltijden. In de koffieruimtes staat een magnetron. Die mag uw bezoek gebruiken om iets op te warmen. Er is ook een grote koelkast op de afdeling om maaltijden in te bewaren. Uw partner kan ook een maaltijd bij ons bestellen via 'bel & bestel'. Hiervoor moet wel worden betaald.
Overnachten
Op de verloskamers kan uw partner altijd overnachten. Dit kan ook na de bevalling.
De meeste eenpersoonskamers zijn bedoeld voor moeders die net zijn bevallen en hun partner. De tweepersoonskamers zijn voor zwangere vrouwen die nog moeten bevallen. Op deze kamers kan de partner helaas niet blijven slapen.
Ligt u op een tweepersoonskamer en ligt u daar alleen? Dan kunt u vragen of uw partner mag blijven overnachten. Dit hangt af van de situatie of dit mogelijk is. Vraag dit gerust aan de verpleging.
Complicaties
Tijdens een bevalling kunnen er ook complicaties komen. De volgende complicaties zijn bijvoorbeeld mogelijk:
De weeën zijn te zwak
Dit betekent dat de weeën te zwak zijn om volledige ontsluiting te krijgen of om te persen. Via een infuus krijgt u dan medicijnen die helpen de weeën sterker/regelmatiger te maken.
De vacuümpomp of tang is nodig
We kunnen besluiten om de baby te halen met de vacuümpomp of tang. Dit is bijvoorbeeld nodig als het persen te lang duurt en de moeder uitgeput is, of als het voor de baby beter is om sneller geboren te worden. De tang wordt zelden nog gebruikt.
De placenta komt niet vanzelf na de geboorte van de baby
De placenta heet ook wel de moederkoek. Na de geboorte van de baby moet de placenta nog geboren worden. Het kan gebeuren dat de placenta niet vanzelf los komt. U krijgt dan extra medicijnen en we trekken voorzichtig aan de navelstreng. Komt de placenta ook hierdoor niet? Dan verwijderen we de placenta op de operatiekamer. Dit gebeurt meestal met een lichte narcose.
Totaalruptuur
Er kan tijdens de geboorte een scheur rond de vagina ontstaan. Dit noemen we een ruptuur. Deze wordt na de bevalling gehecht. Heel soms is de scheur van de vagina tot de anus. Dit heet een totaal-ruptuur. Meestal hecht de gynaecoloog dit op de operatiekamer onder een lichte narcose.
De baby poept in het vruchtwater
Bij het breken van de vliezen loopt het vruchtwater uit de vagina. Belangrijk is om te kijken welke kleur dit vruchtwater heeft.
Is het vruchtwater groen? Dan heeft de baby in het vruchtwater gepoept. Dit noemen we meconium-houdend vruchtwater. Dit kan betekenen dat de baby in nood is, maar dit is zeker niet altijd zo. Wel is het een reden om de baby extra te bewaken met een CTG.
De baby is in nood
Veranderen de harttonen van de baby tijdens de bevalling? Soms gebeurt dat als de baby te weinig zuurstof krijgt. Daarom kan het zijn dan we dan een druppel bloed afnemen van de baby via het hoofdje. We meten dan de hoeveelheid zuurstof en zuurgehalte in het bloed. Dit heet een micro-bloedonderzoek. Soms is het nodig dat de baby sneller geboren moet worden. Dit kan met de vacuümpomp, met de tang of met een keizersnede. Dit hangt af van de situatie waarin de bevalling zich bevindt.
Pijnstilling tijdens de bevalling
Ontspanning met muziek, bewegen op de bal, douchen of drijven in het bad kunnen pijnstillend voor u werken. Mocht dit niet genoeg zijn, dan kunt u zelf kiezen of u extra pijnstilling wilt tijdens de bevalling. Dit kunt u ons vooraf vertellen, maar ook tijdens de bevalling. Er zijn verschillende vormen van pijnstilling.
Welke pijnstilling het beste is, hangt af van de snelheid van de bevalling en hoelang het nog duurt tot de geboorte van de baby.
Bent u al eerder vaginaal bevallen? Dan ligt het moment van het heftiger worden van de weeën én de geboorte van de baby vaak dicht bij elkaar. Soms gaat een bevalling dan zo snel dat pijnstilling niet mogelijk is. Of de nadelen zijn groter dan de voordelen. Wacht daarom niet te lang met het vragen om pijnstilling.
De vormen van pijnstilling in het MUMC+ zijn:
Ruggenprik
De ruggenprik heet ook wel een epiduraal. De ruggenprik helpt het beste tegen de pijn. Steeds meer vrouwen krijgen een ruggenprik.
Voordelen van een ruggenprik:
• geeft meestal goede pijnverlichting.
• De ruggenprik heeft meestal geen invloed op uw baby.
• Als er een keizersnede nodig is, kan de arts meestal via hetzelfde slangetje extra verdoving geven.
Mogelijke nadelen van een ruggenprik:
• Bij het plaatsen van de ruggenprik kan uw bloeddruk dalen.
Om dit te voorkomen, krijgt u extra vocht via een infuus.
Heel soms reageert het hartje van de baby op de lagere bloeddruk. Dit kunnen we meestal snel oplossen met extra vocht, een andere houding of medicijnen. Het geeft wel onrust.
• De ruggenprik kan ervoor zorgen dat de tweede fase van de bevalling iets langer duurt.
• Na een ruggenprik krijgt ongeveer 1 op de 5 vrouwen koorts (38 graden of hoger). Het is dan moeilijk te zeggen of dit door een infectie komt of door de verdoving. De ruggenprik kan invloed hebben op uw lichaamstemperatuur, zonder dat u echt ziek bent.
Vaak geven we voor de zekerheid antibiotica, soms al tijdens de bevalling. De baby wordt daarna goed in de gaten gehouden, met of zonder antibiotica.
• Jeuk kan een bijwerking zijn.
• De kans is iets groter dat de bevalling moet worden geholpen met een verlostang of vacuümpomp. Dit komt doordat u tijdens het persen minder goed voelt waar u druk moet zetten.
• De plek van de prik kan een paar dagen gevoelig zijn. Dit gaat meestal vanzelf over. Rugpijn komt vaak voor na een bevalling, maar dit komt niet door de ruggenprik.
Meer informatie over pijnstilling tijdens uw bevalling vindt u in deze folder (info.mumc.nl/pub-1220).
Pethidine
Pethidine (of Nalbufine) is een medicijn dat lijkt op morfine. We geven het via een injectie in een spier. Het werkt minder goed als pijnstilling, maar het is wel altijd direct beschikbaar en werkt ontspannend. Deze medicatie helpt goed om de pijn te overbruggen, totdat duidelijk is dat de bevalling gaat doorzetten en andere pijnstilling mogelijk is.
De nadelen van Pethidine (of Nalbufine) zijn:
• De pethidine komt via de placenta bij de baby. Bevalt u binnen 2 tot 4 uur na het geven van Pethidine? Dan gaat de baby na de geboorte naar de neonatologieafdeling, waar we de baby goed kunnen bewaken. Sommige baby’s kunnen moeite hebben met de ademhaling.
• U kunt suf worden van dit medicijn, waardoor u de bevalling minder goed meemaakt.
Remifentanil
Remifentanil is een sterke pijnstiller (een opiaat) die via een infuus wordt toegediend. U krijgt een drukknop waarmee u zelf de pijnstilling kunt regelen. Remifentanil is een optie als u geen ruggenprik kunt krijgen. Meestal als het te snel gaat voor een ruggenprik.
Voordeel van Remifentanil:
• Als we stoppen met de toediening, verdwijnt de pijnstiller snel uit uw lichaam én dat van uw baby.
Na een half uur is het middel helemaal uitgewerkt. U voelt zich meestal binnen een paar minuten weer normaal.
Nadelen van Remifentanil:
• Remifentanil kan bijwerkingen geven zoals misselijkheid, jeuk en sufheid.
Daarom mag u tijdens het gebruik niet rondlopen.
• De pijnstiller kan problemen geven met de ademhaling. Uw ademhaling kan trager worden. In zeldzame gevallen kan deze zelfs even stoppen.
Daarom is het belangrijk dat u goed in de gaten wordt gehouden: u krijgt een infuus, we meten uw zuurstof en bloeddruk, en de baby wordt gecontroleerd met een CTG.
Aangifte van de geboorte
U of uw partner moet, binnen 3 dagen na de geboorte, aangifte doen bij de Burgerlijke Stand. Dit moet in de gemeente waar de baby geboren is.
Dit kan online (www.gemeentemaastricht.nl/geboorte-en-overlijden/geboorte-aangifte) gedaan worden.
Gemeente Maastricht, Afdeling Burgerzaken
Mosae Forum 10
2611 DW Maastricht
Telefoonnummer: 043-350 40 40
Ontslag
Als alles soepel verloopt mag u 4 uur na de bevalling naar huis. Bereidt u goed voor want dit kan dus ook 's nachts zijn. Moet u na de bevalling een nacht op de afdeling blijven? En geven de (kinder)artsen de volgende ochtend toestemming om naar huis te gaan? Dan vragen we u om op de dag van ontslag de kamer vóór 11.00 uur te verlaten. Bestel uw ontbijt dan ook meteen om 7.00 uur.
Contact
Heeft u nog vragen? Vraag het dan aan uw gynaecoloog, uw verloskundige of de verpleegkundigen van de verloskamers.
Polikliniek Gynaecologie en Verloskunde
Bereikbaar van maandag tot en met vrijdag van 8.00-12.00 uur en van 13.00 - 16.30 uur.
Telefoonnummer: 043-387 48 00
De verloskamers
U kunt 24 uur per dag bellen.
Telefoonnummer: 043-387 62 40
Website
- MUMC+ (www.mumc.nl)
- Gezond Idee (gezondidee.mumc.nl/)
- Zwangerschap en bevalling Vrouw Moeder en Kind Centrum (vmkc.mumc.nl/wij-zijn-zwanger/zwangerschap-en-bevalling)