Mumc+ foto online folders

Patiëntinformatie

Hamerteen- of klauwteenoperatie

U hebt met de orthopedisch chirurg afgesproken om uw hamerteen/tenen of klauwtenen operatief te laten behandelen. In dit blad krijgt u uitleg over deze behandeling.

Doel van de operatie is om de stand en /of flexibiliteit van de teen te verbeteren zodat pijn en schoenproblemen verminderen. Dit lukt bij ongeveer 85% van de patiënten.

Door de operatie verandert de beweeglijkheid van de
geopereerde teen, maar dit stoort niet bij het lopen. Soms komt
de hamer- of klauwteen na de operatie terug. Het dragen van
goede schoenen is belangrijk om dit te voorkómen. (https://www.thuisarts.nl/goede-schoenen-kopen/ik-wil-schoenen-kopen-die-gezond-zijn-voor-mijn-voeten).

Bij hamertenen en klauwtenen is de stand van de teen afwijkend. Bij een hamerteen is het gewrichtje tussen het eerste en tweede kootje van uw teen gebogen en het gewrichtje tussen het tweede en derde kootje gestrekt. Bij een klauwteen zijn beide gewrichtjes gebogen. Bij een hamerteen of een klauwteen kan er ook een over-strekking zijn in het gewrichtje tussen het middenvoetsbeentje en het eerste kootje.

Hamerteen- of klauwteenoperatie
Klauwteen en hamerteen

Hamer- en klauwtenen ontstaan omdat het evenwicht tussen de buigspiertjes en de strekspiertjes van de tenen verstoord is, bijvoorbeeld door ouderdom, een ongeluk (bv een breuk) of bij reuma. Ook kunnen te kleine schoenen hamertenen of klauwtenen veroorzaken

Operatietechnieken:

  • ‘Floppy toe’. Bij deze techniek wordt het gewricht tussen het eerste en tweede kootje weggehaald. De teen wordt daarna niet vastgezet. Na de operatie is de teen iets meer flexibel dan ervoor.
  • ‘PIP-dese’. Ook bij deze techniek wordt het gewricht tussen het eerste en tweede kootje weggehaald maar daarna wordt de teen vastgezet met een pinnetje dat buiten de teen uitsteekt. Dit pinnetje laat u 4 à 5 weken zitten (zie afbeelding). De teen groeit dan in de nieuwe stand vast en is wat stijver dan voor de operatie.
  • Soms is het nodig om ook de strekpees en het kapsel van het gewricht tussen het eerste kootje en middenvoetsbeentje te verlengen.

Operatietechnieken

Voorbereiding op de operatie

Als is besloten tot operatie van uw teen, denkt u dan aan het volgende:

  • Bloedverdunners: Meldt het altijd als u bloedverdunners gebruikt.
  • Wondjes: Voorkóm wondjes aan de voeten. Mocht u toch een wondje hebben opgelopen voor de geplande operatie, meldt dit dan meteen bij de polikliniek of de afdeling (043-3876900of043-3874430)
  • Krukken: Regelt u van tevoren krukken en neemt u de krukken mee op de dag van de operatie. Denk ook aan eventueel het lenen/huren van een douchekruk.
  • Hulp: Regel zo nodig hulp bij boodschappen of het huishouden.
  • Roken: Als u rookt, probeer dan (tijdelijk) te stoppen, zo nodig met begeleiding. Roken heeft een slechte invloed op de wondgenezing. U kunt hulp krijgen van de longverpleegkundige op de Stoppen-met-roken poli. Kijk voor meer informatie op mumc.nl en zoek op ‘stoppen met roken’ voor de mogelijkheden.

Verdoving bij de operatie

Vaak kan de operatie plaatsvinden onder lokale verdoving. Hierbij krijgt u een aantal verdovingsprikken rondom de basis van teen.
Als er meerdere tenen moeten worden geopereerd kan de operatie ook gebeuren met hulp van een anesthesist. De anesthesist zal van te voren met u bespreken welke verdoving bij u mogelijk is. Mogelijkheden zijn: een zenuwblokkade, een ruggenprik of een algehele narcose. Combinaties van deze technieken zijn ook mogelijk. Voor uitgebreide informatie zie anesthesiologie.mumc.nl/folders

In het geval van narcose is er vlak voor de operatie een ‘time-out’-procedure. Dit betekent dat men op de operatiekamer de belangrijkste punten van de operatie bespreekt met u en het operatieteam voordat u onder narcose gaat.

Operatie en opname

Een hamerteencorrectie duurt ongeveer 10 à 15 minuten. De behandeling vindt plaats op het Chirurgisch Dagcentrum. Voor meer informatie kijk op mumc.nl/patienten-en-bezoekers/uw-opname.

Nabehandeling en herstel

  • U krijgt na de operatie een drukverband.
  • Het pinnetje in de teen moet vier tot vijf weken blijven zitten.
  • Als u zit, legt u dan u uw been hoog.
  • U loopt de eerste tijd met twee krukken.
  • In sommige gevallen krijgt u een darcoschoen. Met deze schoen kunt u lopen zonder dat er druk op de voorvoet en tenen komt.
  • Na twee weken en na vier à vijf weken komt u op controle. Bij de laatste controle wordt de pin uit de teen getrokken. U mag er vanuit gaan dat dit niet erg pijnlijk is.
  • Soms is het nodig dat u bij het verder herstel nog een kruk gebruikt aan de niet geopereerde zijde.
  • Als u zittend werk heeft, kunt u meestal na ongeveer twee weken weer gaan werken.
  • Als u staand werk heeft, kunt u meestal na ongeveer vijf weken weer gaan werken.
  • Voorzichtig sporten kan meestal weer na twee maanden, maar alleen als het bot genezen is.
Darcoschoen

Complicaties en nadelen

Voordat u beslist over wel of niet een operatie bespreekt u met uw behandelaar ook de complicaties die bij elke operatie kunnen optreden. Bij een hamer/klauwteen-correctie is er een kleine kans dat u te maken krijgt met:

  • Het litteken kan soms pijnlijk zijn.
  • Infectie van de wond.
  • In ongeveer één procent van de gevallen raakt de wond geïnfecteerd. Dan krijgt de patiënt meestal antibiotica. Als het een diepere, ernstigere infectie is dan moet de patiënt soms opnieuw in het ziekenhuis worden opgenomen om antibiotica te krijgen via een infuus of zelfs om opnieuw te opereren en de wond schoon te maken (zeer zeldzaam).
  • Daarom is het altijd belangrijk om signalen van ontsteking zo snel mogelijk te melden (zie bij ‘waarschuwen’ pagina 4).
  • Niet vastgroeien van de geopereerde botjes (pseudartrose).
  • Algemene risico’s van de verdoving (anesthesie) zie anesthesiologie.mumc.nl

Wanneer moet u ons waarschuwen?

Ondanks alle zorg rondom de operatie kunnen er thuis soms complicaties optreden. U moet contact opnemen met het ziekenhuis als:

  • de operatiewond gaat lekken;
  • de operatiewond rood en dik wordt;
  • de operatiewond veel meer gaat pijn doen;
  • koorts van 38,5o C of meer;
  • het onderbeen (de kuit) pijnlijk, stijf, rood of dik is;
  • verschijnselen die anders zijn dan verwacht en waar u zich zorgen over maakt.
    • maandag tot en met vrijdag tussen 8 en 17 uur belt u de polikliniek Orthopedie: 043–3876900.
    • ‘s avonds en in het weekend belt u met de afdeling Orthopedie: 043-3874430 of043-3876430

Contact

Laatst bijgewerkt op 29 juli 2021