U heeft een afwijking aan de aorta in uw borstkas. De cardiothoracaal chirurg (hart- en longchirurg) heeft besloten dat u een operatie nodig heeft.
In deze folder leest u over de verschillende afwijkingen aan de aorta en de operatie.
Deze informatie is een aanvulling op de gesprekken met uw arts.
De aorta
We leggen eerst uit wat de aorta is. Op het plaatje hieronder ziet u hoe dit eruitziet.
De aorta is de grote lichaamsslagader. Deze komt uit de linkerhelft van ons hart. De aorta loopt eerst omhoog. Dit deel heet ook wel de aorta ascendens. Uit dit gedeelte ontspringen vlak na de aortaklep de kransslagaders: dit zijn de vaten die de hartspier van bloed voorzien.
De aorta buigt daarna naar beneden (aortaboog). Vanuit die boog gaan bloedvaten naar het hoofd en de armen. Daarna gaat de aorta omlaag naar de rest van het lichaam. Dit deel heet de aorta descendens.
Iedere keer wanneer de hartspier samentrekt, wordt bloed onder grote druk in de aorta gepompt. Daarom moet de aorta stevig en elastisch zijn.
Twee belangrijke afwijkingen van de aorta zijn:
- een aneurysma
- een dissectie

Diagnostisch onderzoek
Om vast te stellen wat er precies aan de hand is en om een zo goed mogelijk behandelplan op te kunnen stellen, zijn verschillende onderzoeken nodig. Dat heet een diagnostisch onderzoek.
Mogelijke onderzoeken zijn:
- röntgenfoto van de borst
- echo van het hart (info.mumc.nl/pub-1401)
- als dat nodig is, een slokdarm-echocardiogram met keelverdoving (info.mumc.nl/pub-559) of een slokdarm-echocardiogram met een roesje (info.mumc.nl/pub-558)
- CT-scan van het hart (info.mumc.nl/pub-839)
- MRI-onderzoek (info.mumc.nl/pub-303)
Aorta aneurysma
Er kan iets mis zijn aan de vaatwand. De vaatwand bestaat uit 3 lagen (binnenste, middelste en buitenste). Vaak gaat er iets mis in de middelste laag. De vaatwand verliest dan zijn stevigheid en soepelheid en verzwakt. Het bloedvat is dan minder stevig en kan uitrekken. Dat heet een aneurysma.
Het stuk van de vaatwand dat wijder is geworden zit vaak vlak boven het hart. Tussen de aorta en het hart zit een hartklep. Deze kan dan niet goed werken. Het bloed lekt dan terug naar het hart (lekkage). Wat leidt tot overbelasting van het hart.
Mogelijke oorzaken
Hoe komt het dat de aorta wijder wordt? Daarvoor zijn verschillende oorzaken:
- slagaderverkalking (atherosclerose)
- hoge bloeddruk
- (chronische) ontstekingen in de vaatwand
- een aangeboren ziekte
- een bindweefselziekte, zoals de ziekte van Marfan
Dit merkt u als u een aneurysma heeft
Veel mensen voelen een aneurysma niet. In de aorta zit namelijk geen gevoel.
De arts ontdekt een aneurysma meestal per toeval tijdens een onderzoek. Bijvoorbeeld tijdens een CT-scan of echo.
Als u klachten heeft dan komt dit omdat de aorta meer ruimte inneemt. Of u kunt kortademig worden als de hartklep lekt.
Klachten kunnen zijn:
- pijn (gewoonlijk hoog in de rug)
- hoesten en een piepende ademhaling
- druk op de slokdarm, deze druk kan slikproblemen geven
- druk op de zenuw naar het strottenhoofd, deze druk kan heesheid veroorzaken
- abnormale kloppingen in de borstwand
Op onderstaande plaatjes zie u 2 verschillende soorten aneurysma.

Behandeling van aorta aneurysma
Het gevaar van een aneurysma is dat de aorta steeds wijder of zwakker wordt. Als het verder uitrekt, kan het namelijk scheuren. Dan kan er een levensbedreigende bloeding ontstaan. Als de aorta scheurt, kunt u een zeer heftige pijn krijgen tussen uw schouders. Soms doet het ook pijn in uw borst of armen. Het lijkt dan op een hartinfarct. De patiënt kan in shock raken of overlijden door de bloeding.
Er zijn verschillende behandelingen om de kans op het scheuren te verkleinen of te voorkomen.
- Medicijnen die de bloeddruk verlagen (bloeddrukverlagende medicatie). De aorta rekt dan minder uit. Dat verkleint de kans op scheuren.
- Een operatie.
Als een aneurysma groter is dan 5,5 centimeter opereert de arts. Ook als er nog geen klachten zijn. Hij vervangt een stuk aorta door een kunststofprothese. Deze operatie zorgt dat het stuk dat wijder is geworden niet kan openscheuren. - Bij sommige aandoeningen, zoals het syndroom van Marfan, is de kans groter dat de aorta scheurt. Daarom kiest de arts in zulke gevallen vaker en eerder voor een operatie. Uw cardiothoracaal chirurg (hartchirurg) bespreekt dit met u.
Aortadissectie
Een dissectie begint met een scheurtje in de binnenste laag van de slagaderwand. Hierdoor hoopt zich bloed op in de middenlaag, tussen de binnenwand en buitenwand van de slagader. Het opgehoopte bloed kan zich steeds verder in de slagader uitbreiden. Uiteindelijk kan de slagader zelfs volledig scheuren. Zoiets gebeurt meestal in enkele seconden. Een dissectie ontstaat vooral in de de aorta. Zeldzaam is een dissectie van de halsslagaders of andere slagaders. Een aortadissectie kan wel tot in deze of andere zijtakken van de aorta doorlopen.
Als gevolg daarvan kunnen belangrijke aorta-aftakkingen afgesloten raken, waardoor er minder bloed bij organen komt. Bij een dissectie heeft u plotseling veel pijn. Het voelt alsof er iets scheurt tussen uw schouders. Soms voelt u pijn in uw buik of borst. De klachten lijken op een hartinfarct.

Twee typen aortadissecties
- Bij een type A aortadissectie is het stijgende deel van de aorta beschadigd. De dissectie of scheur kan zich uitbreiden naar de boog van de aorta en verder naar het dalende deel tot in de buik.
- Bij een type B aortadissectie is het stijgende deel van de aorta niet beschadigd. De dissectie of scheur begint in het dalende deel en loopt door naar de buik.
De oorzaak van een aortadissectie
- Slagaderverkalking: Dit noemen we atherosclerose. Aan de binnenkant van de bloedvaten zijn er verdikkingen ontstaan door vet en kalk. Onder deze verdikkingen ontstaat soms een kleine bloeding. Dit maakt de binnenkant van de ader zwak. Er kan dan een scheur ontstaan. Dat heet een dissectie.
- Chronische hoge bloeddruk: Hoe hoger de druk op de vaatwand, hoe zwakker de wand uiteindelijk wordt. Bij het ouder worden krijgt iedereen een verhoogde bloeddruk. Maar ook een leefstijl met te zout of te vet eten en/of roken kan de bloeddruk verhogen.
- De vaatwand is niet in orde: Dat gebeurt als u een bindweefsel ziekte heeft. Bijvoorbeeld het syndroom van Marfan, Loeys-Dietz syndroom, Ehlers Danlos type IV syndroom en het syndroom van Turner.
- Een andere aangeboren ziekte.
Behandeling van aortadissectie
Bij een type A aortadissectie moet uw arts direct opereren. Dit type is levensbedreigend. Het kan een bloeding veroorzaken naar het hartzakje en het kan leiden tot een groot hartinfarct en belemmering van de bloedtoevoer naar het hoofd of overige organen. Vaak is ook de aortaklep (de hartklep tussen de linkerkamer en de aorta) beschadigd. Direct opereren is absoluut nodig.
Bij een type B aortadissectie zijn er 2 mogelijkheden. Als de situatie niet levensbedreigend is, opereert de arts niet meteen. U krijgt dan medicijnen. De arts kijkt altijd naar de risico’s. Soms opereert hij wel. De operatie wordt dan meestal gedaan door de vaatchirurg .
Operaties aan de aorta
U krijgt een operatie aan de aorta. U leest hieronder hoe dit gaat.
Er zijn 3 operaties aan de aorta:
1. Vervanging van de aorta ascendens
De arts vervangt het zieke deel van de aorta door een kunststof prothese. Dit gebeurt als het aneurysma of de dissectie in het deel zit van de aorta dat omhoog gaat.
2. Vervanging van de aortawortel
Als het aneurysma of de dissectie doorloopt tot in het begin van de aorta nabij het hart (de aortawortel), dan is een 'klep besparende wortelvervanging' nodig. Dit wordt ook een David- of Yacoub-procedure genoemd. De aortaklep zelf wordt alleen vervangen als deze beschadigd is. De chirurg vervangt dan de hartklep door een klepprothese waaraan een vaatprothese is vastgemaakt (een Bentall-procedure). De kransslagaderen die aan beide zijden uit de aortawortel ontspringen, worden weer in de vaatprothese gehecht.
Er bestaan 2 soorten aortakleppen voor de vervanging:
- Biologische aortaklep. Deze komt van een varken of een rund.
- Kunststof aortaklep. Deze is gemaakt van kunststof.
Beide kleppen hebben voor- en nadelen. U krijgt hier meer informatie over in aanvullende gesprekken met uw arts.

3. Vervanging van de aortaboog
Als de aortaboog ver uitgerekt is, kan de arts hem vervangen. Op het plaatje hieronder ziet u hoe dit eruitziet. De aortaboog is het bovenste deel van de aorta. Vanuit daar gaat bloed via slagaders naar de hersenen en de armen.
Als de arts de aortaboog moet vervangen, zouden de hersenen en het lichaam even geen bloed krijgen. Dat is schadelijk. Daarom is daar een oplossing voor. De arts gebruikt een hart- en longmachine. Door het lichaam te koelen heeft het lichaam minder zuurstof nodig. Er is daardoor meer tijd. Ook de hersenbloedvaten worden aan deze machine gekoppeld. De hersenen zijn beschermd tegen schade.

Na de operatie
Na de operatie gaat u naar de afdeling Intensive Care (IC). Als het goed gaat, dan mag u naar een gewone verpleegafdeling.
In de folder Hartoperatie: Praktische zaken rondom uw hartoperatie (info.mumc.nl/pub-1333) leest u meer over de voorbereiding thuis op een operatie, de opname in het ziekenhuis en de leefregels na de operatie.
Risico’s en problemen na een operatie aan de aorta
Operaties aan de aorta, en vooral dissecties, zijn grote operaties. Het risico op complicaties is daardoor groter en de aard van de complicaties is meestal ernstiger dan bij andere hartoperaties.
U leest hieronder welke problemen er kunnen zijn bij een operatie aan een aorta aneurysma of een aorta dissectie.
- Schade aan de hersenen. Tijdens de operatie beschermen we uw hersenen. Heel soms kan er toch schade ontstaan. U kunt licht in de war zijn maar de hersenen kunnen ook ernstiger beschadigd raken.
- Uw nieren werken niet meer goed. Dit is vaak tijdelijk. U krijgt dan medicijnen. Als uw nieren ernstig beschadigd zijn, krijgt u misschien nierdialyse. Dat is een behandeling die het werk van de nieren overneemt.
- Hartritmestoornissen. Uw hartslag voelt onregelmatig of heel snel. U krijgt dan medicijnen. Soms is een elektrische schok nodig. Dat heet electrocardioversie (info.mumc.nl/pub-376). Uw hart wordt dan even “gereset”. Daarna klopt het weer regelmatig. Uw hartslag kan ook te traag kloppen. Er wordt dan gebruikgemaakt van een, meestal tijdelijke, pacemaker om uw hart te ondersteunen. In een enkel geval kan een definitieve pacemaker nodig zijn.
- Een nabloeding. Soms verliest u veel bloed na de operatie. Of er zit nog een beetje achtergebleven bloed of vocht in het hartzakje. Dat noemen we tamponade. De arts moet u dan opnieuw opereren.
Erfelijkheidsonderzoek
Een ziekte aan uw hart kan erfelijk zijn. Dat betekent dat het in uw genen voorkomt. Na de operatie onderzoekt de patholoog-anatoom een stuk van het aneurysma. De patholoog-anatoom bekijkt dit door een microscoop. Hij kan zien of er iets mis is in uw genen. Dat noemen we erfelijke aanleg.
Als er erfelijke aanleg is, nodigen we u en uw familie uit voor verder onderzoek.
Dit zal dan gebeuren op onze Marfan-poli. U kunt voor deze screening ook worden uitgenodigd als er een sterke verdenking op deze afwijkingen bestaat op basis van de familiegeschiedenis met onder andere meerdere aneurysmata of dissecties binnen uw familie.
Controle afspraak
Na uw ontslag blijft u onder controle bij een cardioloog (in eigen regio) en uw huisarts.
U blijft ook onder controle bij de cardiothoracaal chirurg op de aortapoli van de polikliniek Hart+Vaat Centrum/MUMC+. Daarvoor krijgt u regelmatig een CT- of MRI-scan. U ontvangt een brief met de afspraak.
Ook krijgt u een afspraak voor hartrevalidatie (hartenvaatcentrum.mumc.nl/hartrevalidatie-informatie-en-adviezen-voor-thuis) . Dit wordt geregeld via uw eigen cardioloog of via een ziekenhuis in de regio waar u woont.
Medicijnen
Medicijnen zijn belangrijk voor uw behandeling en herstel. Ze helpen om klachten van ziektes te verminderen of te voorkomen.
Iedereen krijgt medicijnen die passen bij zijn of haar eigen situatie.
Wilt u meer weten? Kijk dan op de website van de MUMC+ apotheek (apotheek.mumc.nl/informatie-over-medicijnen) .
U kunt ook de online Medicatiewijzer (apotheek.mumc.nl/medicijnen) gebruiken.
Heeft u een vraag over uw medicijnen? Stel deze dan aan de online apotheker (apotheek.mumc.nl/online-apotheker).
Contact
Heeft u na het lezen van de informatie nog vragen?
Neem dan contact op met:
Verpleegafdeling D4
Telefoonnummer: 043 387 4440 of
043 387 6440 (24 uur per dag bereikbaar)
Bel bij spoed de Eerste Hart Hulp van uw eigen ziekenhuis.
In acute situaties belt u 112
Websites
- Hart+Vaat Centrum (hartenvaatcentrum.nl/)
- MUMC+ (mumc.nl/)
- MUMC+ apotheek (apotheek.mumc.nl/informatie-over-medicijnen)
- Gezond idee (gezondidee.mumc.nl/)