Folder

Hersenbloeding tussen de hersenvliezen

Subarachnoïdale bloeding (SAB)

U heeft een hersenbloeding tussen de hersenvliezen gehad. 
In deze folder leest u meer over deze hersenbloeding en uw opname, onderzoeken en behandeling. 
Deze folder is ook bedoeld voor uw familieleden.

Wat is een subarachnoïdale bloeding?

Een hersenbloeding tussen de hersenvliezen noemen we een subarachnoïdale bloeding. De afkorting hiervoor is SAB. Dit is een medisch spoedgeval.

Symptomen

  • Een SAB begint met heel erge hoofdpijn die opeens ontstaat. Vooral in het achterhoofd en de nek.
  • Vaak bent u misselijk en moet u overgeven (braken).

Soms heeft u ook deze klachten:

  • U heeft iets voelen knappen in uw hoofd.
  • U bent even bewusteloos geweest. Of u blijft bewusteloos.
  • Uw nek is stijf.

De bloeding zorgt voor een plotselinge hogere druk in het hoofd. Ook zorgt de bloeding ervoor dat het hersenvocht verandert. Hierdoor krijgt u deze klachten.

subarachnoidale bloeding
Subarachnoïdale bloeding, Bron: Nederlandse Vereniging voor Neurochirurgie (2013)
gezonde en aangedane bloedvaten SAB
Gezond bloedvat en bloedvat met aneurysma, Bron: Nederlandse Vereniging voor Neurochirurgie (2013)

Oorzaak

 Meestal ontstaat de bloeding door het scheuren van een aneurysma.

  • Een aneurysma is een verwijding of uitstulping van een bloedvat.
  • Op die plek is de wand van het bloedvat dunner.
  • Hierdoor kan het bloedvat scheuren en zorgen voor een hersenbloeding.

U heeft meer risico op het ontstaan en scheuren van een aneurysma:

  • als u rookt
  • als u een hoge bloeddruk heeft
  • als een familielid dit ook heeft gehad

Opname op verpleegafdeling C5

U wordt opgenomen op de Neurocare Unit van Maastricht UMC+. Dit is op verpleegafdeling C5. U krijgt veel neurologische controles. 

Onderzoeken om te weten wat de oorzaak is (diagnose)

Het is belangrijk om te weten wat de oorzaak van de hersenbloeding is (diagnose). Daarom krijgt u verschillende onderzoeken.

Meestal is de oorzaak een aneurysma. De onderzoeken zijn onder andere bedoeld om het aneurysma te vinden. U kunt een of meerdere van de volgende onderzoeken krijgen:

CT-scan

Bij een CT-scan worden foto’s van uw hersenen gemaakt. Een CT-scan gebeurt met een röntgenapparaat. Dit apparaat maakt doorsnede foto’s van de hersenen. Zo kunnen de artsen de plek van de bloeding zien. Ook zijn de hersenkamers goed te zien.
U vindt meer informatie in de folder CT-scan (info.mumc.nl/pub-838)

CT-angio

Dit is een CT-scan met contrastmiddel. Via een infuus krijgt u contrastmiddel in uw lichaam. Zo zijn uw bloedvaten en het mogelijke aneurysma beter te zien. Door het contrastmiddel kunt u een warm gevoel in uw lichaam krijgen.

Ruggenprik (lumbaalpunctie)

Met een ruggenprik wordt hersenvocht uit de onderrug afgenomen. Er wordt gekeken of er bloed in het hersenvocht zit. Een ander woord voor ruggenprik is lumbaalpunctie.

Röntgenonderzoek van uw bloedvaten

Een ander woord voor dit onderzoek is angiografie (DSA). Dit is een röntgenonderzoek van uw bloedvaten. Dit gebeurt via een bloedvat in de lies. U krijgt een soepel slangetje in de slagader van de lies. Dit slangetje heet een vaatkatheter. Het slangetje gaat via de buikslagader omhoog tot in de hals. Totdat de opening van de katheter in het bloedvat ligt waar röntgenfoto’s van nodig zijn. Dan krijgt u een beetje contrastmiddel ingespoten. Meteen daarna worden röntgenfoto’s gemaakt. Het aneurysma komt zo heel duidelijk in beeld.
U vindt meer informatie in de folder Angiografie en interventie (info.mumc.nl/pub-834)

MRI-scan

Een MRI-scan werkt met een sterke magneet en radiogolven. Net als bij de CT-scan worden doorsnede foto’s van uw hersenen gemaakt. Zo kunnen de artsen de bloeding en het mogelijke aneurysma bekijken. Maar u krijgt dus geen röntgenstraling.
U vindt meer informatie in de folder MRI onderzoek (info.mumc.nl/pub-303)

MRI-angio

Dit is een MRI-scan met contrastmiddel. Via een infuus krijgt u contrastmiddel in uw lichaam. Zo zijn de bloedvaten en het mogelijke aneurysma nog beter te zien.

Mogelijke complicaties

De volgende complicaties kunnen gebeuren bij een SAB:

  • Een nieuwe hersenbloeding
    Als het aneurysma niet wordt behandeld, kan het aneurysma opnieuw gaan bloeden.
  • Vaatspasmen en zuurstofgebrek in de hersenen
    Na een paar dagen kunnen vaatspasmen ontstaan. Bij een vaatspasme trekt de vaatwand samen. Dit kan komen door het gelekte bloed dat de hersenbloedvaten prikkelt. Door vaatspasmen kan zuurstoftekort in de hersenen ontstaan.
  • Te hoge druk in het hoofd (hydrocefalie)
    Door de hersenbloeding zit er bloed in het hersenvocht. Hierdoor kunnen de afvoerkanaaltjes van het hersenvocht verstoppen, en kan er een te hoge druk ontstaan in het hoofd. Het kan nodig zijn om met een ruggenprik hersenvocht weg te halen. Soms is het nodig om (tijdelijk) een drain te plaatsen. Dit is een slangetje in de rug of direct in het hoofd dat het vocht weghaalt.

Zorg op verpleegafdeling C5

Bloed prikken

Tijdens de opname op de Medium Care wordt er regelmatig bloed geprikt.

Vocht

U krijgt elke dag vocht toegediend via een infuus. Zo wordt de kans op vaatspasmen kleiner.

Blaaskatheter

U krijgt een blaaskatheter. Dit is een soepele, holle slang waardoor urine uit de blaas kan lopen. De blaaskatheter is nodig om te meten hoeveel urine uw lichaam maakt.

Controles
  • Uw bewustzijn wordt elke 2 uur gecontroleerd. U krijgt verschillende vragen, zoals: Weet u waar u bent? Welk jaar is het nu? Welke maand is het nu? Wie is de koning van Nederland?
  • De verpleegkundige controleert met een lampje ook de reactie van uw oogpupillen.
  • Verder worden uw hartslag, ademhaling en bloeddruk elke 2 uur gecontroleerd.
Medicatie
  • Patiënten met een SAB hebben vaak veel last van hoofdpijn en misselijkheid. Daarom krijgt u standaard medicijnen tegen de pijn en tegen de misselijkheid. Ook krijgt u nimodipine. Met dit medicijn heeft u minder kans op vaatspasmen.
  • Bloedverdunners worden gestopt, omdat die zorgen voor een grotere kans op een nieuwe bloeding. Ook medicijnen die de bloeddruk lager maken worden soms gestopt.
  • U mag niet uit bed. Daarom krijgt u anti-trombosekousen (TED-kousen).
  • Verder krijgt u medicijnen om te zorgen dat uw darmen blijven werken en dat uw poep zacht blijft. Het is belangrijk dat u geen druk zet. Deze medicijnen noemen we ook wel laxerende middelen.
Verpleging

U wordt prikkelarm verpleegd. Dit betekent dat u zo min mogelijk prikkels krijgt.

  • U ligt op een 1-persoonskamer.
  • Er mogen maximaal 2 personen tegelijk op bezoek komen.
  • Kunt u niet tegen het licht? Dan wordt uw kamer donker gemaakt.

Dit alles is om de kans op een nieuwe bloeding zo klein mogelijk te houden.

Behandeling van een aneurysma

 Er zijn 2 verschillende operaties die een aneurysma ongevaarlijk maken: coiling en clipping.

Coiling-operatie

Deze operatie gebeurt onder algehele verdoving (narcose). De radioloog brengt via een slagader in de lies een vaatkatheter in en schuift deze op tot aan het aneurysma. Via de katheter wordt het aneurysma opgevuld met platina spiraaltjes (coils). Daardoor kan het aneurysma niet (meer) bloeden.

Clipping-operatie

Deze operatie gebeurt onder algehele verdoving (narcose). De neurochirurg maakt een luikje in de schedel en plaatst een klemmetje op het aneurysma.

Meer informatie

Er zijn 2 aparte patiëntenfolders over coilen en clippen. U ontvangt deze op de afdeling. U kunt ze ook lezen op onze website:

Welke behandeling u krijgt, hangt af van wat de beste mogelijkheid is. We bespreken dit vooraf met u en met uw familie.

het coilen van een aneurysma
Coiling, Bron: Nederlandse Vereniging voor Neurochirurgie (2013)
clippen aneurysma
Clipping, Nederlandse Vereniging voor Neurochirurgie (2013)

Contact

Heeft u nog vragen? Stel ze aan een van de verpleegkundigen of artsen.

De Neurocare Unit is 24 uur per dag bereikbaar voor directe familieleden:
Telefoonnummer: 043 387 65 35

Wij vragen u om niet te bellen tussen 7.00 uur en 9.00 uur. Dan verzorgen wij de patiënten.

Websites

Laatst bijgewerkt op 20 januari 2026. Bekijk de meest actuele versie van deze folder op: info.mumc.nl/pub-809